Zwarte Vogels In De Bomen

Koninklijke Vlaamse Schouwburg / De Bottelarij

18.19.23.24/05 > 20:00

20/05 > 15:00

NL - Subtitles: FR - 90'

De combinatie De Volder/van der Harst leverde meer dan eens pareltjes van voorstellingen op: de volks geïnspireerde composities van de ene vormen een perfecte aanvulling op het bizarre universum van de ander - en omgekeerd. Voor Zwarte vogels in de bomen nemen ze een oeroud thema onder handen, dat van de boeren: over vroeger en nu, het veld en het café, over de vier magen van de koe, over dood en feesten, en varkenspest. Verwacht echter geen grof boerendrama, maar een subtiele schets van hoogst herkenbare situaties en personages. Van der Harst grijpt terug naar oude instrumenten en inspireert zich op middeleeuwse muziek voor zijn nieuwe composities. En sluit daarmee aan bij de zwaar geschminkte acteurs, de groteske kostuums en de heel eigen taal. Een voorstelling over kleine mensen die grote verhalen vertellen.

Tekst, regie & vormgeving:

Eric De Volder

Muziek:

Dick van der Harst

Met:

Paola Bartoletti, Leen De Veirman, Johan Knuts, Ineke Nijssen, Hendrik-Hein Van Doorn, Katelijne Van Laethem, Kim Delcour, Liam Fennelly, Jowan Merckx, Jan Van Outryve, Elise Cauwaerts, Ann De Prest, Noémi Schellens

Kostuumtechniek:

Claudine Grinwis, Plaat Stultjes

Techniek:

Pino Etz

Latijnse vertalingen:

Roger Stroobandt

Productieleiding:

Kristel Deweerdt

Dramaturgie & promotie:

Ellen Stynen

Instrumentenbouw:

Herman De Roover & Thijs van der Harst

Fotografie:

Peter Dewindt & Tania Desmet

Zakelijke leiding:

Marc Vanborm & Koen Vanhove

Productie:

Toneelgroep Ceremonia (Gent), Het muziek Lod (Gent)

Coproductie:

Zeeland Nazomer Festival, KunstenFESTIVALdesArts

Met de steun van:

Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap, Provincie Oost-Vlaanderen, Stad Gent, Nationale Loterij, Koning Boudewijnstichting

Presentatie:

KVS/de bottelarij,

KunstenFESTIVALdesArts

Back to top

Woorden als 'eigenzinnig', 'niet te klasseren' en 'origineel' blijven opduiken wanneer men het over hun werk heeft. Twee keer al werkten Eric De Volder en Dick van der Harst samen. En het klikt, want na Diep in het bos en Vadria gaan ze opnieuw samen aan de slag. In hun voorstellingen versmelt De Volders volkse universum perfect met de composities van muzikaal duizendpoot van der Harst. Het levert wondermooie voorstellingen op over kleine mensen die grote verhalen vertellen.

Eric De Volder, auteur, regisseur en plastisch kunstenaar is met Toneelgroep Ceremonia begonnen in 1992. De meeste acteurs die aan Zwarte vogels in de bomen meewerken, waren er van bij het begin bij: Johan Knuts, Hendrik-Hein Van Doorn en Ineke Nijssen. Leen De Veirman en Paola Bartoletti werkten mee aan Diep in het bos. Voor Zwarte vogels in de bomen wordt de groep vervolledigd met zangeres Katelijne Van Laethem, de muzikanten Kim Delcour, Liam Fennelly, Jowan Merckx, Jan Van Outryve en een koor van vier figuranten. De Volder schreef voor Zwarte vogels in de bomen een werktekst bijeen rond het oeroude thema 'boeren': over vroeger en nu, het veld en het café, over de vier magen van de koe, over dood en feesten, varkenspest en andere veterinaire tribulaties. De tekstfragmenten inspireren de acteurs tijdens de improvisaties, die op hun beurt de uiteindelijke speeltekst beïnvloeden. Componist Dick van der Harst pikt woorden en ideeën op uit werkteksten en improvisaties om zijn muziek te schrijven. In combinatie met vooraf gecomponeerd materiaal komt zo de uiteindelijke partituur tot stand, die zo dicht mogelijk op de huid zit van personages en situaties.

Dick van der Harst, huiscomponist bij Het muziek Lod, volgde een klassieke muzikale opleiding en is zeer gefascineerd door volkse tradities in de muziek. Hij experimenteert graag met ongewone instrumenten, met klankkleur en ritmes. Op zijn palmares staan verschillende samenwerkingen voor theaterproducties, een opera voor kinderen en het concert Het huis der verborgen muziekjes waarmee hij nog steeds door Vlaanderen toert. Voor het componeren voor Zwarte vogels in de bomen wist van der Harst al snel welke kant hij op zou gaan: nieuwe composities die zich inspireren op de muzikale tradities van de 13e en 14e eeuw.

"In de late middeleeuwen worden allerlei nieuwe dingen ontwikkeld. Die periode vóór de polyfonie zit nog vol wrange gegevens, die in latere stijlen helemaal verdwenen zijn. De melodie was gebaseerd op het ritme in de woorden en de zinnen. Zo droeg het ritme de vertelling. Eigenlijk ging het er alleen om de tekst zo mooi mogelijk voor te dragen. Harmonie, vier/vierde maat, dominant, dat bestond allemaal nog niet. De emoties zaten in de tekst, niet in de muziek, zoals later."

Het instrumentarium van Zwarte vogels in de bomen is middeleeuws: doedelzak, blokfluit, schalmei, luit, gamba en vedel. Dick van der Harst: "Middeleeuwse instrumenten lijken op het eerste gezicht eenzijdiger dan de moderne 16e-eeuwse instrumenten. In de barok en de klassieke periode zijn de klanken veelzijdiger geworden, er worden dan meer vermengingen mogelijk. Middeleeuwse klanken en instrumenten zijn heel zuiver: ze mengen niet zoveel kleuren. Vedel kan bijvoorbeeld mager lijken als je het de eerste keer hoort, maar je ontdekt al gauw de rijkdom van het spectrum klanken en kleuren. Daar schrijf ik nieuwe muziek voor."

Niet alleen van der Harst is met muziek begaan, ook Eric De Volder is er op zijn manier mee bezig. Niet verwonderlijk dat de paden van de twee elkaar kruisten... Eric De Volder: "Als ik een zin uitspreek, moet daar zang inzitten. Je geeft een zin een bepaalde melodie mee. In een langere passage moet een intern ritme zitten, dat rolt of klinkt. Personages hebben een eigen puls en ritmiek. Een muzikant kan in mineur spelen, maar een personage ook. Dat voel je als toeschouwer, het doet beroep op je gevoel, zonder dat je je er misschien bewust van bent." Een taal die zingt, maar vooral één die erg aan dialect doet denken. De Volder: "Die taal dringt zich op. Ik ben enorm gefascineerd door al die taalvormen die circuleren. Standaardtaal klopt niet voor mij: bijna niemand in Vlaanderen spreekt het. Je draagt zoveel mee in de taal die je spreekt. Het is een ziel waarop je loopt."

Grotesk wordt De Volders theater genoemd, en dat vind je terug in alles: in de zware grime, de spreekstijl, de bewegingen van de acteurs... De man die stage liep bij Grotowski wil doelbewust de emoties van de personages uitvergroten om de toeschouwer nauwer te betrekken bij wat er verteld wordt. "Het is moeilijk om te omschrijven, maar soms gebeurt er iets bijzonders. In bepaalde situaties in het leven steken oeroude gedragspatronen de kop op, georganiseerde of spontane. Je doet iets, zonder te weten dat je het doet, waarom je het doet, maar vooral hoe je het doet: iemand een hand geven, of een kus. Soms, als je daar even bij stil staat, ontstaat er een andere dimensie. Je hebt het gevoel dat er iets 'ouds' gebeurt, iets wat al generaties lang doorgegeven wordt, dat te maken heeft met leven en dood. Dat zijn dikwijls emotionele momenten, die botsende gevoelens opwekken. Dat probeer ik ook in mijn stukken te krijgen."

De Volders theater wordt wel eens vergeleken met Ensor. Wat vindt hij daar zelf van? "Het is zeer interessant materiaal om uit te putten, zoals het geval bij iedere kunstenaar die de werkelijkheid gebruikt om er een draai aan te geven: kunstenaars als Magritte of Delvaux, Otto Dix, Frits Van Den Berghe en Gustave Van De Woestijne, die de verbeelding zichtbaar maken. Ook poppenkastmaskers, reuzenstoeten, folklore - de schoonheid ervan, niet de kitsch. Dingen waarvan je voelt: dat is hier serieus. Als iemand naar de hoge wip schiet, dan is dat om de hoofdvogel af te schieten. Wat mij in Ensor aantrekt is dat hij werkt op het scherp van de snee: als de deur opengaat, staat de dood daar. Zoals in die film van Bergman: aan het avondmaal loopt Pietje de Dood rond. Je denkt: 'dat kan niet', maar je gelooft er wel in. Dat fantastische zit ook in ons werk. Er gebeurt iets tussen de werkelijkheid en je verbeelding. Dat vind ik inspirerend: er botst iets wat je rationeel niet kan vatten."

Back to top