The Tip of the Tongue

Planetarium
  • 06/05 | 20:30
  • 07/05 | 18:00
  • 08/05 | 20:30

€ 18 / € 14
1h 10min
EN > FR / NL

Ontmoet de artiest na de voorstelling op 7/05

Schrijver, filosoof en verhalenverteller Pieter De Buysser maakt een voorstelling voor het Planetarium. Dat gaat als volgt. Een filantroop met een joekel van een vooruitgangsgeloof en een spraakgebrek bouwt een schip. Er is een fameuze kromming in de ruimtetijd, er is een meisje dat even genoeg heeft van de Messias en er is een in de ruimte verloren detective waar niemand nog naar zoekt. Een draagbare deeltjesversneller, de draaikolken van de Chinese Zee, een majestueus zwart gat en een dozijn balkspiraalvormige sterrenstelsels: ze bouwen allemaal de spanning op in het puntje van de tong. Ondanks hun fabelachtigheid zijn alle elementen van deze planetariumvoorstelling ontsproten aan de politieke en wetenschappelijke werkelijkheid van vandaag. The Tip of the Tongue is grensverkenning voor nationalisten, heimatkunde voor kosmopolieten, kosmologie voor beginners van een nieuw wereldbeeld.

Tekst, regie & spel
Pieter De Buysser

Scenografie
Herman Sorgeloos

Koepelprojectie
Elias Heuninck

Geluid
Yoerik Roevens

Wetenschappelijk advies
Kurt Vanhoutte (Universiteit Antwerpen)

Dramaturgie
Esther Severi

Engelse vertaling
Jodie Hruby

Franse vertaling
Anne Vanderschueren

Boventiteling
Marie Trincaretto

Medewerkers boventiteling/video
Jonas Beerts

Financieel advies
Roger Christmann

Presentatie
Kunstenfestivaldesarts, Koninklijke Sterrenwacht van België

Productie
ROBIN (Brussel)

Coproductie
Kunstenfestivaldesarts, Kaaitheater (Brussel), Stiftung Deutsches Technikmuseum Berlin, Théâtre Nanterre-Amandiers (Parijs), Archa Theatre (Prague), House on Fire

Met de steun van
Vlaamse Overheid, VGC, PARS (Performing Astronomy Research Society), Ministère de la Culture et Communication (France), Vlaams Fonds voor de Letteren

Met dank aan
Laboratorium & Herculeslab of KASK/School of Arts of University College Ghent, Sophie d’Hoore, Sarah Vanagt

Boventiteling met de steun van
ONDA

Voorstelling in Brussel met de steun van
SABAM for Culture

Back to top

The Tip of the Tongue

Als je Parijs, Barcelona, Londen, New York of Berlijn in het 19de eeuwse tijdperk van de moderniteit zou hebben bezocht, dan is het heel waarschijnlijk dat je op een avond een astronomievoorstelling zou hebben bijgewoond. Het was een tijd van massale interesse in de wetenschap. Publieke voorstellingen en lezingen in academische locaties en observatoria, in openbare ruimtes, theaters en opera’s waren breed toegankelijk voor het stedelijke publiek. Deze voorstellingen maakten vaak gebruik van theatrale hulpmiddelen zoals optische instrumenten, mechanische apparaten, bewegende transparante schilderijen en toverlantaarnglasplaten. De voorstellingen vermengden hemelse en aardse aangelegenheden, met kosmologische verhalen die zich richtten op de plaats van mens, vooruitgang en technologie in een snel evoluerende wereld. De voorstellingen riepen vaak een sensatie van verwondering op bij het publiek, een intellectueel en emotioneel gevoel dat werd opgewekt door de wetenschappelijke ontdekkingen en technologieën die als spektakel werden opgevoerd. Net als bij veel andere attracties in de 19de en vroege 20ste eeuw zoals wassenbeeldenmusea, panorama’s of wereldtentoonstellingen, was het onderscheid tussen sensationeel entertainment en wetenschappelijke demonstratie moeilijk te maken, wat vaak aanleiding gaf tot publiek debat. De aantrekkingskracht van het astronomische spektakel nam in de 20ste eeuw niet af, maar nam nieuwe vormen aan toen de eerste koepelvormige planetaria opdoken in Duitse steden in de jaren twintig. Deze nieuwe moderne theaters van de sterren werden door het publiek met ontzag en eerbied begroet, en getuigen tot vandaag van de levendige publieke belangstelling voor zowel mythen (over oeroude sterrenbeelden) als de vooruitgang. Het waren plaatsen waar het publiek in contact kwam met wetenschap, technologie en de wereld; de moderniteit wijdde zich aan de tegenstrijdigheden van haar eigen tijdperk.

Het planetarium is sinds de 19de eeuw de plek bij uitstek waar de mensheid haar verhouding met de sterren en de sterrenstelsels beschouwt. De architectuur van het planetarium heeft een duidelijk doel: een ruimte creëren voor het samenbrengen van wetenschappelijke feiten en magische fabels. Het planetarium is een van de zeldzame plaatsen waar feiten en fictie elkaar niet tegenspreken, maar juist versterken. In een planetarium kijken toeschouwers naar een kunstmatige hemel, de hemel op aarde, de binnenkant van een koepel of een bol, en die oude theatrale constructie dwingt de bezoeker zijn plaats in de kosmos opnieuw te verhalen en te bepalen, wat een bijzonder echte ervaring is. De manier waarop we het sterrenstelsel beschrijven weerspiegelt onze materiële relaties op aarde. Maar het werkt ook omgekeerd, dat is de kracht van archaïsche mythen en fabels: door onze kosmologische relaties te hertekenen en opnieuw te verhalen kunnen we ook onze materiële omstandigheden opnieuw vormgeven. Vandaar deze fundamentele kosmologische spreekoefening op ‘het puntje van de tong’.

Back to top

Pieter De Buysser (1972) is een Belgische theater- en filmmaker en schrijver. Hij woont en werkt in Brussel. Hij studeerde filosofie in Antwerpen en Parijs. De Buysser schrijft fictie en non-fictie, zowel voor het theater als daarbuiten en voert op het podium zijn eigen teksten op – als niet-clown, speculatieve realist en ‘transformatador’. Zijn fabels zijn politiek, radicaal, episch en concreet. Zijn stukken werden gemaakt in opdracht van, en ook uitgenodigd op, verschillende huizen en festivals zoals het Kunstenfestivaldesarts, het Kaaitheater (Brussel), de Berliner Festspiele, het Festival van Taipei, de Biënnale Wiesbaden, New Plays from Europa, het Dublin Festival, het Melbourne Festival, het Baltoscandal Festival, het Archa Theatre (Praag), het Théâtre de la Bastille (Parijs), de Fondation Cartier Parijs en HAU Hebbel am Ufer (Berlijn) ... De laatste jaren reisde hij door Europa en daarbuiten met het toneelstuk An Anthology of Optimism, (met Jacob Wren, 2009) en met zijn monologen Book Burning (2012) en Landscape with Skiproads (2014). Zijn laatste stuk The After Party, over het nalatenschap van Václav Havel, ging in première in maart 2017 in het Archa Theatre in Praag. Zijn geschriften werden vertaald en opgevoerd in het Pools, Frans, Duits, Italiaans en Engels. Naast zijn werk voor theater regisseerde hij vier korte fictiefilms, De Intrede, Solar, The Ambassador en You know you’re right. Zijn eerste roman De Keisnijders werd in 2012 door De Geus (BE) gepubliceerd en in 2016 in het Tsjechisch vertaald. Pieter De Buysser ontving de Emile Zola prijs in 1998, de Trofee Dwarse Denker in 2011 en de Marie Kleine-Gartman Pen in 2012. In 2015 richtte hij samen met Thomas Bellinck een nieuw productiehuis op: ROBIN.

Back to top