Gerhard Richter, une pièce pour le théâtre

KVS_BOL
  • 11/05 | 20:00
  • 12/05 | 20:00
  • 13/05 | 20:00
  • 14/05 | 15:00

€ 16 / € 13
2h 25min

Ontmoet de kunstenaar na de voorstelling op 12/05

Mårten Spångberg is een radicaal ideeënkunstenaar en een wegbereider van de hedendaagse dans. Als geen ander verstaat hij de kunst om het publiek te prikkelen en mee te slepen in fraaie conceptuele danservaringen. Voor deze nieuwe creatie gaat Spångberg aan de slag met negen bekende dansers. Ze zijn allen ouder dan 40 en voorbij het hoogtepunt van hun fysieke kunnen. Op het podium nemen ze het publiek mee in een exploratie van het concept ‘verlies’ en hoe er vandaag met lichamelijk en geestelijk verval wordt omgegaan. De dansers zoeken naar een andere omgang met verlies, als iets dat we met ons meedragen, iets dat bij ons blijft en ons vergezelt – verlies als permanente leegte van waaruit nieuwe vormen kunnen ontstaan. De choreograaf draagt poëtische alternatieven aan voor eigentijdse noties van substitutie, nut en maximale behoeftebevrediging. De dans is elegant, veelkleurig en rijk aan contrasten. Er wordt gedanst tot de toeschouwer ook zijn eigen verlies en eindigheid begint te ervaren. Waarom? Om het met de woorden van Gerhard Richter te zeggen: ‘Gewoon, omdat het kan.’

Zie ook
Natten, The Series

Door & met
Anne van Aerschot, Liza Baliasnaja, Renée Copraij, Christine De Smedt, Misha Downey, Hana Lee Erdman, Mette Edvardsen, Mark Lorimer, Sarah Ludi, Moya Michael, Carina Premer, Mårten Spångberg, Clinton Stringer, Marika Troili

Muziek
KNB productions

Assistentie
Louise Dahl, Alexandra Napier, Herman Sorgeloos

In samenwerking met
Interim AB & Johan Thelander

Met dank aan
Linda Blomqvist, Anne-Cécile Sibué, Nikima Jagudajev

Presentatie
Kunstenfestivaldesarts, KVS

Productie
Kunstenfestivaldesarts

Coproductie
Black Box (Oslo), MDT (Stockholm)

Met de steun van
VGC, The Swedish Art Council, The Swedish Arts Grants Committee, The City of Stockholm

Met dank aan
Kunstenwerkplaats Pianofabriek, KVS, MDT (Stockholm), PAF (St Erme)

Back to top

Het moet zo’n 20 jaar geleden zijn toen ik voor het eerst Werner Hamachers tekst Amphora te lezen kreeg. Ik kende hem niet en ik las de tekst in een veel te chic programmaboekje, maar het waren tenslotte de jaren 90. Vreemd, deze tekst achtervolgt me al meer dan twee decennia. Hij is een reisgezel zonder ambitie om me ergens heen te leiden of de weg te tonen en dat is precies waarom hij zo belangrijk is geweest. Het werk van Hamacher brengt andere lezers ongetwijfeld op andere plaatsen of tot andere conclusies, maar waar ik persoonlijk van genoten heb, was dat hij geen oplossingen of antwoorden gaf. Misschien heeft hij het over de ruimte, misschien behandelt hij filosofie of misschien heeft hij het over de ervaring van kunst. Maar ze hebben allemaal iets gemeen, volgens mij. Ze zijn niet behulpzaam; ruimte, filosofie en kunst bieden geen steun. Filosofie die advies geeft heeft een andere naam, namelijk zelfhulpliteratuur. Kunst die steun biedt zou design genoemd kunnen worden. Design is nuttig en behulpzaam. Een nuttige filosofie is uiteraard zinloos. Een kunst die er naar streeft om, laat ons zeggen, troost te bieden, is niets meer of minder dan een lekker kopje thee.

De amphora is een belofte van een onverschillig engagement. Ze heeft geen ambities. Misschien is het wel de leegte die ruimte, filosofie en kunst – en zeker ruimte en kunst – zo aantrekkelijk maakt. Ik zink in de ruimte net zoals ik in een esthetische ontmoeting zink en ik raak aan de mogelijkheid om iets te ervaren dat nog niet is, iets dat nog moet komen maar nog steeds geen contouren heeft. Ik stel me de tekst van Hamacher voor naast de schrijfsels van Jacques Rancière over de emancipatie van de toeschouwer. De esthetische ontmoeting is afstand noch scheiding. Het is geen achtergrond of voorgrond, maar ontstaat net in de ondeelbaarheid van tegenstellingen.

Gertrude Stein was het theater op een gegeven moment beu. Wat ze vreselijk vond aan theater was het gevoel dat ze de karakters moest leren kennen, welwillend benaderen, tot vriend maken. Ze gaf de voorkeur aan landschappen, omdat die passief zijn zolang je er niet in stapt, en wanneer je dat toch doet activeren ze zich rondom je. Je hoeft geen landschappen tot vriend te maken en meestal leiden ze je niet naar een of andere bestemming. Het landschap staat onverschillig tegenover je, het is er en je bent er welkom, maar verwacht geen cocktails.

Gerhard Richter werd ooit door Nick Serota geïnterviewd – het interview maakt deel uit van een of andere documentaire. Op een gegeven moment vraagt Serota aan Richter hoe het kwam dat hij op een bepaald moment onscherpe schilderijen begon te maken. Het is duidelijk dat Serota iets groots verwacht, een antwoord voor de kunstgeschiedenisboeken, bedachtzaam en vol referenties. Gerhard Richter zit daar in een al te dure sofa, gaat anders zitten, raakt zijn gezicht met zijn linkerhand en zegt, in zijn typisch Duitse accent: ‘Wel, weet je. Op dat moment … was het mogelijk.’

We zouden Richter kunnen afdoen als een klootzak, met zo’n inhalige reactie, alsof hij helemaal geen invloeden of zo heeft maar zijn ideeën van bovenaf krijgt. Maar misschien kan zijn uitspraak anders begrepen worden. Want ‘omdat het mogelijk was’ kan ook in een andere richting wijzen. Dat er in feite geen reden voor was, dat er geen rede of intellect was die de schilderijen stuurde. Er was geen causaliteit, er was geen oorzaak en gevolg, het was gewoon mogelijk omwille van een heleboel redenen, maar geen ervan had iets met causaliteit te maken. Het kon de dag, week of maand ervoor niet gebeuren, maar op die specifieke dag, op dat moment, was het wel mogelijk. Deze vorm van mogelijkheid kan alleen voortkomen uit een leegte, uit een gevoel van ‘nog niet’.

Roland Barthes stelt het volgende: je wordt verliefd, dan ben je niet meer verliefd, je herstelt van de liefde en je wordt opnieuw verliefd.

Wat een saai voorstel. De Franse filosoof transformeert de liefde in een causale transactie waar men kan van herstellen. Maar moet de liefde niet iets zijn dat op een dag ondenkbaar was en de volgende dag net wel mogelijk? Men heeft niet lief omwille van een reden, men heeft lief omdat men liefheeft.

Henri Michaud werd ooit gevraagd wanneer de schilderijen in het Louvre op hun best waren. Een hele hoop interessante antwoorden flitsten door mijn hoofd toen ik de vraag las, maar het antwoord van Michaud zou ik nooit hebben kunnen bedenken: ‘Uiteraard wanneer het museum gesloten is, omdat dan de beelden en schilderijen zich dan kunnen vermaken en samen kunnen zijn.’

Rouwen houdt in dat de doden nooit toegeëigend worden en dat ze niet door iets anders vervangen worden; het is een kwestie van leven in het gezelschap van een tastbare onverschilligheid, met iets dat geen steun geeft en nooit zal helpen, maar in die duisternis, in de onverschilligheid, ligt de belofte van ‘het was mogelijk’.

Mårten Spångberg, mei 2017

Back to top

Mårten Spångberg (1968) is choreograaf. Hij woont en werkt in Brussel en Stockholm. Zijn interesse gaat uit naar het brede veld van de dans, een genre dat hij benadert via experimentele praktijken en creatieve processen in een veelheid van formats en expressievormen. Hij is sinds 1994 actief als performer en creëert sinds 1999 zijn eigen choreografieën, van solo’s tot groepsvoorstellingen voor het grote podium, die internationaal toerden. Onder het label International Festival creëert hij samen met de architect Tor Lindstrand choreografieën die sociaal en breed toepasbaar zijn. Van 1996 tot 2005 organiseerde en cureerde Spångberg festivals in Zweden en over de hele wereld. In 2006 richtte hij de netwerkorganisatie INPEX op. Spångberg heeft vele jaren ervaring als onderwijzer van zowel theorie als praktijk en was van 2008 tot 2012 directeur van het masterprogramma choreografie aan de dansuniversiteit in Stockholm. In 2011 werd zijn eerste boek Spangbergianism gepubliceerd. Tegenwoordig is hij docent dans en choreografie aan de kunstacademie van Oslo (departement theater en dans) en als kunstenaar verbonden aan het Black Box Teater in Oslo (2017-2018). Spångberg stond op de affiche van het Kunstenfestivaldesarts in 2015 met La Substance, but in English en in 2016 met Natten.

Back to top