After The Walls (UTOPIA)

Théâtre National

11, 12, 14, 15/05 – 20:15
FR > NL

1h 40min

Anne-Cécile Vandalem (in 2011 op het Kunstenfestivaldesarts met HABIT(U)ATION) bezit de gave om vervreemding tastbaar te maken door onaardse elementen te laten binnensluipen in onze werkelijkheid. After The Walls is een nieuw, langlopend project in twee luiken: UTOPIA en DYSTOPIA. Met deze diptiek zet Vandalem haar onderzoek naar de verhouding van mensen tot hun omgeving voort. In UTOPIA komt een architect met een schaalmodel zijn toekomstvisies voorstellen. Zijn droom: een utopisch bouwwerk dat een oplossing biedt voor de maatschappelijke, demografische en ecologische uitdagingen van deze tijd. De toeschouwer wordt uitgenodigd om gedurende een jaar actief deel te nemen aan de ontwikkeling van dit project. In 2014 kan hij of zij op het Kunstenfestivaldesarts bovendien ontdekken wat er geworden is van het bouwwerk en zijn bewoners. Met één voet in de werkelijkheid schrijft Anne-Cécile Vandalem een fabel vol verwachtingen over de schepping van een monster. Eerste akte: een gekunstelde conferentie vol idealen met de allures van een utopie.

Concept, tekst & regie
Anne-Cécile Vandalem

Medewerker dramaturgie
Jean-Bastien Tinant

Regieassistenten
Céline Gaudier, Leïla Di Grégorio

Licht
Caspar Langhoff

Geluid & musiek
Pierre Kissling

Scenografie
Ruimtevaarders

Kostuums
Laurence Hermant

Spel
Vincent Lécuyer

Stagiairs
Manon Coppée, David Scarpuzza

Presentatie
Kunstenfestivaldesarts, Théâtre National de la Communauté française


Productie
Théâtre de Namur

Tourmanagement
Compagnie des Petites Heures (Parijs)

Coproductie
Kunstenfestivaldesarts, Das Fräulein (Kompanie) (Brussel), Théâtre National de la Communauté française (Brussel), Théâtre de la Place (Luik), Le Volcan (Le Havre), Le printemps des comédiens (Montpellier), Théâtre national de Bordeaux en Aquitaine, Noorderzon Performing Arts Festival (Groningen)

Met de steun van
Fédération Wallonie-Bruxelles

Project gecoproduceerd door
NXTSTP, met de steun van het Cultuurprogramma van de Europese Unie

Back to top

UTOPIA, dat is de verbeelding van de beschutting, en het is ook de constructie van een beschutting voor de verbeelding in haar collectieve dimensie. Deze lijn is als een wand waarlangs een schildwacht staat die naar beide kanten tegelijk kijkt. Beschut worden: is dat als mens niet onze fundamentele dispositie en wel sinds onze dubbele 'oorsprong': die van de geschiedenis, en die van de baarmoeder? Het is de lieu commun (gemeenplaats) bij uitstek, en het is ook de non-lieu (niet-plaats) die ons bij uitstek bedreigt.

Aan de basis, aan het begin van de trilogie lag een eenzaamheid. Die werd getoond en vervolgens geopend naar de familie. Nu vervolgt de Trilogie des Parenthèseshaar verkenning met een perspectief dat ons per definitie aangaat. In het centrum van deze reis staat de collectieve verbondenheid. Het is een reis die een mooie toekomst voor zich heeft. Nu al - namelijk volgend jaar, met After The Walls (DYSTOPIA) - nodigt hij ons uit om deze gemeenschappelijk ervaring te delen in de geconcretiseerde utopie en de radicale negatie die ze omvat: die plaats van nergens. In de tussenperiode ontplooit zich een gemeenschappelijke fictie waar iedereen na het zien van de voorstelling in kan binnenstappen.

Duiken we opnieuw in de archieven van de twintigste eeuw, dan vinden we mooie toekomstformules die voorschriften subtiel vermengden met de belofte op vrijheid. En werden de voorschriften braaf uitgevoerd, zoals de plicht hier te wonen en daar te werken, dan was vrijheid de belofte van een heerlijk moment en een welbepaalde plaats waar men eindelijk iets 'voor zichzelf' kon doen, tijd had 'voor zichzelf' en misschien - verlaten - te genieten van de droom van 'zijn leven'. De collectieve droom baarde ook een droom van intimiteit.

De effectieve constructie van een gemeen-plaats waar iedereen naar believen kan dromen is het doel van ons conferentie-theater. In het centrum een man, begiftigd met spraak, die ons via zijn woorden zal meenemen naar deze droom van de gemeen-plaats en zijn fantasie. De logica van de man is onverbiddelijk. Hij is alleen en komt naar ons toe. Hij heeft een plan en we worden uitgenodigd om eraan deel te nemen. Want ook hij heeft ons nodig. Hij heeft onze bekommernis en onze participatie nodig. Hij heeft ook onze verbeelding nodig. Hij heeft er nood aan dat onze diepste droom zich binnenin uitdrukt, die droom is de voorwaarde voor alle andere dromen. En het goede nieuws is dat hij een trucje heeft om hem aan ons te openbaren, zowel in woorden als in daden. Hij heeft allang begrepen dat, wat de droom en de werkelijkheid betreft, de muur overal lek is. Sinds geruime tijd, sinds altijd, is de muur gegroefd, gebarsten en op verschillende plaatsen ligt hij open, het zijn openingen waarlangs de eigenschappen en de wezens worden uitgewisseld. En de mogelijkheid om te dromen zou rechtstreeks evenredig zijn met de porositeit van de muur. Vanaf welke mate van porositeit staan we niet meer tegenover een muur? En wat is een muur tenslotte, behalve een inrichting die tegelijkertijd het zichtbare en het onzichtbare vormt, het brute feit en zijn ondoorgrondelijke mysterie, vol verhalen die kant noch wal raken?

De Trilogie des Parenthèses ontstond middenin deze thema's en heeft er via het theater een tragisch pact om gebouwd.

(Self) Service reconstrueerde de vierde wand van het naturalistische theater tot een doorschijnende wand. Het drama werd vooraf bepaald door een opgenomen soundtrack, het bracht een ultieme ommekeer teweeg bij de man en liet een eenzame en gekwelde geest zien die het niet laten kon om mensen bij hem thuis uit te nodigen. Met (Self) Service werden de eerste stappen van de trilogie gezet. Het formeel onderzoek creëert een narratief apparaat waarin plaatsen en wezens hun respectieve principes uitwisselen. De ziel is een schuilplaats die zich samen met de plaatsen vormt.

HABIT(U)ATION stelde de vraag van dreigend gevaar in een routineuze wereld. De familie en haar plaats gaven uitdrukking aan deze routine. In hen, in het gezin en het huis, kwamen de cycli van dag en nacht, geboorte en dood, werk en rust samen. Wanneer het kind besluit om tegen deze routine in te handelen, dan is het dus de hele plek die zich transformeert om een vreemd ballet te tonen waarin dingen, objecten en zielen voortaan hetzelfde podium delen en hun respectieve eigenschappen uitwisselen. Van de volledig gesloten wereld van de eenzaamheid opende de scène zich naar een elders, via een soort wakkere en geprovoceerde droom. De agonie was het moment waarop alles opnieuw kon worden gespeeld, voor één enkele keer. En terwijl de pessimistische interpretatie hier slechts een terdoodbrenging zag, werd ons een andere versie getoond van levende virtualiteiten die elkaar eindelijk ontmoeten in een eeuwig moment. Het was het moment waarop de scenografie een volledige transformatie doorvoerde, middenin de toneelopening.

Voor dit derde luik, After The Walls - dat zelf uit twee delen bestaat, met de droom en zijn realisatie, het project en zijn verwezenlijking aan beide zijden van de muur - is het de hele samenleving die er nu potentieel bij betrokken is.

Voorbij de toneelopening. De vierde wand verdwijnt en de tekst wordt opnieuw belangrijk - het hele theatrale apparaat zet zijn deuren wijd open voor een directe interactie met het publiek, in een zoektocht naar transparantie. Het einde van de voorstelling is in dit geval het begin van het vervolg op dit verhaal. Door middel van een website krijgen we de kans om de overgang van het ene naar het andere luik te volgen. We ruilen de theaterruimte voor een virtuele plek waar iedereen - als hij over de hardware beschikt - het project kan volgen.

In dit avontuur zijn er dubbele betekenissen in overvloed. De figuur die het podium bewoont en ons meeneemt op deze reis door tijd en ruimte, is dezelfde als hij die ons de sleutels van het volgende verhaal zal geven. Hij zal een decor planten voor een toekomstig stuk, met onze participatie. Maar hij is ook het beeld van een bekende figuur, van de drager van de waarheid, van de visionair die al weet wat wij nog niet weten en die nog beter dan wijzelf weet wat we willen. Zo wordt er een muur opgericht tussen de geest en de wereld. Het maakt deze kleine omweg mogelijk waarmee de handelingsmacht zich een legitimiteit verschaft. De grote mannen schrijven deze geschiedenis, terwijl de menigte haar ondergaat.

In de winkel van de nieuwste snufjes is de truc van de 'schone lei' een van de narratieve trucs die de moderniteit ons heeft nagelaten met dat personage van de gids - dat loopt van goeroe over reclamejongen, via kunstenaar tot deskundige. De vooruitgang heeft zich, naast bepaalde effectieve weldaden waarmee ze zich presenteert, het vaakst opgedrongen in een soort van noodtoestand. De offers en vernietigingen daarvan zouden we aan ons oog kunnen voorbij laten trekken, in een eindeloze litanie. De oorlog was bijvoorbeeld een krachtige manier om het Europese continent te moderniseren. En met deze geschiedenis en zijn spoken heeft er zich naast het triomfantelijke verhaal, dat een pointe heeft waarmee sommigen vandaag nog steeds de toekomst meten, een puinhoop afgezet, onlosmakelijk verbonden met die triomf, waaronder we het heden proberen uit te vinden. Ons personage staat in het centrum van deze scène, die een soort motor van de geschiedenis is.

Hij kent er alle trucjes van, bezit er alle fouten en kwaliteiten van. Het is alsof hij, in een gebaar dat hij voorstelt met hem te delen, de laatste revolutie van de geest uitvoert, waarmee we een stap verder zetten naar de finale bevrijding in de opbouw van een nieuwe tijdruimte.

"Alleen de hand die wist kan het juiste woord schrijven" is de zin die het personage absoluut wil uitwissen, te beginnen bij het einde, zodat we eindelijk, samen, het juiste woord kunnen schrijven.

Alleen de hand die wist...

Back to top

Anne-Cécile Vandalem (1979) begon als actrice bij theaterregisseurs en -collectieven als Charlie Degotte, Dominique Roodthooft en Transquinquennal. In 2003 besloot ze om zich toe te leggen op schrijven en op de conceptie van theatervoorstellingen. Samen met Jean-Benoît Ugeux creëerde ze het gezelschap Résidence Catherine, waarmee ze Zaï Zaï Zaï Zaï en Hansel et Gretel produceerde. In 2008 richtte ze haar eigen gezelschap op, Das Fräulein (Kompanie), waarmee ze (Self) Service en HABIT(U)ATION (Kunstenfestivaldesarts 2011) maakt, beide een onderdeel van de Trilogie des parenthèses.

Das Fräulein (Kompanie) werd opgericht in 2003 onder de naam Résidence Catherine. In 2008 doopte Anne-Cecile Vandalem het gezelschap om tot Das Fräulein. Het heeft tot nog toe vier stukken op zijn naam staan: de eerste twee, Zaï Zaï Zaï Zaï en Hansel et Gretel, werden samen met Jean-Benoît Ugeux geschreven en uitgevoerd. Hansel et Gretel werd in 2007 bekroond met de prijs ‘Découverte’ op de Belgische Prix de la critique. In 2008 creëert Vandalem (Self) Service, de eerste voorstelling in haar Trilogie des parenthèses. De trilogie stelt de kwestie van isolement centraal en hoe geïsoleerde mensen overleven door op hun realiteit in te werken. (Self) Service werd in 2009 genomineerd als beste artistieke en technische creatie op de Prix de la critique. Op hetzelfde evenement ontving Brigitte Dedry ook de prijs voor beste actrice voor haar rol in (Self) Service. In 2010 wordt HABIT(U)ATION, het tweede luik uit de trilogie, gecreëerd in het Théâtre de Namur en opgevoerd op talrijke Belgische en Franse podia. HABIT(U)ATION werd in 2011 genomineerd als beste voorstelling en beste artistieke en technische creatie op de Prix de la critique. Parallel aan zijn trilogie creëert het gezelschap in de loop van 2012 MICHEL DUPONT, een stuk dat bestemd is voor een publiek van jonge tieners (en volwassenen).

Back to top