A-Ronne II & Cena Furiosa

Théâtre Marni
22, 23, 24, 25, 26 / 05
Duration: ± 2h00
IT

Zeventiende-eeuwse barok en avant-gardemuziek uit de twintigste eeuw: Ingrid von Wantoch Rekowski presenteert ons Cena furiosa, naar de madrigalen van Claudio Monteverdi, en A-Ronne II, een radiospel van Luciano Berio, als een tweeluik op één avond. Het uitgangspunt van A-Ronne is een gedicht van Eduardo Sanguineti, een montage van bekende literaire, politieke en filosofische citaten. Voor zijn compositie inspireerde Berio zich op het werk van Monteverdi, die in zijn Madrigali amorosi e guerrieri met opera experimenteerde en een expressie zocht voor hartstochtelijke en tegengestelde gevoelens. Het theater is ook voor Ingrid von Wantoch Rekowski de plaats bij uitstek waar het lichaam en de stem hun passies, contradicties, paradoxen en perversiteiten tonen en uitspelen.

A-Ronne II

Musique/Muziek/Music: Luciano Berio, A-Ronne, une pièce radiophonique d'après un poème de/een radiospel naar een gedicht van/a radio piece based on a poem by Edoardo Sanguineti

Concept et mise en scène/Concept en regie/Concept and direction: Ingrid von Wantoch Rekowski

Acteurs/Actors: Dominique Grosjean, Patrick Lerch, Caroline Petrick, Pietro Pizzuti, Annette Sachs
Eclairages/Belichting/Lighting: Ivan Fox, Ingrid von Wantoch Rekowski

Coiffeuse/Kapster/Hairdressing: Nathalie Mattheeuws

Maquillage/Make-up/Make-up: Joëlle Carpentier

Production/Productie/Production: Asbl Trimaran

Coproduction/Coproductie/Coproduction: Bellone-Brigittines (Bruxelles/Brussel)

Avec le soutien de/Met de steun van/Supported by: Ministère de la Culture de la Communauté française en Belgique, service du théâtre et de la musique.

Cena Furiosa

Musique/Muziek/Music: Claudio Monteverdi, Madrigali guerrieri e amorosi : Book VIII (Altri canti d'amor, Lamento della Ninfa, Hor ch'el ciel e la terra, Combattimento di Tancredi e Clorinda); Book VII (Tirsi e Clori)

Direction musicale/Muzikale leiding/Musical direction: Yvon Repérant

Mise en scène et scénographie/Regie en scenografie/Direction and scenography: Ingrid von Wantoch Rekowski

Assistant à la mise en scène/Regie-assistent/Assistant to the director: Ferdinand du Bois

Chanteurs/Zangers/Singers: Paul Agnew, José Canales, Nicolas Domingues, Boris Grappe, Nicki Kennedy, Emma Lyren

Orchestre/Orkest/Orchestra: Ensemble Repères Baroques

Eclairages/Belichting/Lighting: Yves Godin

Costumes/Kostuums/Costumes: Christophe Pidré

Production/Productie/Production: Festival international d'art lyrique d'Aix-en-Provence

Coproduction/Coproductie/Coproduction: La Monnaie/De Munt (Bruxelles/Brussel), KunstenFESTIVALdesArts

Back to top

Cena Furiosa van Ingrid von Wantoch Rekowski ging in première op het Festival international d'art lyrique in Aix-en-Provence, als een coproductie van het KunstenFESTIVALdesArts, De Munt en het Festival van Aix. Het project maakte deel uit van de fascinatie van het KunstenFESTIVALdesArts voor het muzikale oeuvre van Claudio Monteverdi. Het festival wil eigentijdse kunstenaars uit verschillende disciplines in contact brengen met het werk van de grote barokcomponist en de 'uitvinder' van de opera. Tijdens de editie van 1998 ensceneerden choreografe Trisha Brown en beeldend kunstenaar William Kentridge respectievelijk de opera'sL'Orfeo en Il Ritorno d'Ulisse. Twee onconventionele maar aangrijpende voorstellingen waren het resultaat. Het Italiaanse Socìetas Raffaello Sanzio en het Argentijnse El Periférico de Objetos namen tijdens het vorige festival de madrigalen van Monteverdi als uitgangspunt: Met Il Combattimento en Monteverdi Método Bélico gingen zij nog een stap verder in de persoonlijke interpretatie van het werk.

In de voetsporen van El Periférico en Socìetas Raffaello Sanzio buigt Ingrid von Wantoch zich over de Madrigali guerrieri et amorosi van Claudio Monteverdi, met het beroemde Il Combattimento di Tancredi e Clorinda als sluitstuk van de voorstelling. Ingrid von Wantoch raakte op de Europese podia bekend met haar voorstelling geïnspireerd op A-Ronne, een vocale documentaire van Luciano Berio, die zich op zijn beurt inspireerde op de constructie van de madrigalen van Monteverdi. Er zit dan ook een interne logica in het presenteren van A-Ronne II en Cena Furiosa als een tweeluik op één avond: in de herwerkte, meer geconcentreerde versie van Cena Furiosa zijn de acteurs er niet langer bij en gaat het volle pond naar de zangers, die tegelijkertijd de acteurs van de madrigalen zijn én de toeschouwers van hun paradoxale affecten. Tussen Monteverdi en Berio ontstaan intieme resonanties.

Ingrid von Wantoch is gepassioneerd door de acteurstechniek en gefascineerd door de kwaliteiten van de fysieke aanwezigheid: "Wanneer mensen zich in het dagelijkse leven uitdrukken, kan men op hun lichaam een massa impulsen zien: het is niet de betekenis van de woorden, maar het lichaam dat de diepste motivaties van iemand duidelijk maakt. In het theater wordt ons te vaak een interpretatie van de wereld opgelegd die de veelheid en beweeglijkheid van betekenissen fixeert. Ik geef er de voorkeur aan de menselijke realiteit te zoeken in het concrete van het lichaam, het onder een vergrootglas te leggen en te werken met de fysieke details."
Eenzelfde houding neemt Ingrid von Wantoch aan tegenover de muziek. Allergisch voor iedere vorm van illustratie, is ze gebiologeerd door de structuur van de muziek: "Een muzikale partituur 'herorganiseert' de emoties op een andere manier. De muzikale tijd is geen realistische manier van vertellen. Luciano Berio zet de stemmen in beweging en creëert ongelofelijk theatrale situaties waarin onder meer macht, liefde en mondaine conversaties aan bod komen. Die stemmen vormen een koor van individuen, die niet opgesloten zitten in een geschiedenis of in een afgewerkt personage. Met de acteurs heb ik me op dit onbekende terrein van de muziekpartituur begeven op zoek naar een lichaamstaal waarin gewone gebaren losgemaakt worden van hun alledaagse betekenis."

A Ronne van Luciano Berio is gebaseerd op een gedicht van de Italiaanse dichter Edoardo Sanguineti, dat op zijn beurt is samengesteld uit citaten uit het werk van uiteenlopende schrijvers en denkers als Dante, Marx/Engels, Johannes/Luther, Goethe, T.S.Eliot en Roland Barthes. Berio: "A-Ronne is een beetje als een 'madrigale rappresentativo', dit wil zeggen 'het theater voor het oor' aan het einde van de 16e eeuw." Net zomin als het madrigaal houdt Berio zich aan de gebaande wegen van de muziek. Nochtans is zijn partituur zeer strikt. Alles ligt vast, inclusief het lachen, de onomatopeeën, de geluiden van de mond. Bedoeld voor zangers, wordt de partituur in A-Ronne II door acteurs gebracht. In plaats van perfecte stemmen, heeft Ingrid von Wantoch Rekowski voor expressieve lichamen gekozen. Lichamen die de muziek letterlijk incarneren: bevreemdend, eclectisch, gestoord. Ook de rijkdom van de kostuums brengt de toeschouwer naar de periode van Monteverdi. Een grappige maar ook verontrustende voorstelling onder het motto: theater voor het oor, muziek voor het oog.

Haar lezing van Cena Furiosa ligt in dezelfde lijn: "Deze muziek schijnt ons vandaag harmonieus en subliem toe, maar in de tijd van Monteverdi was zij nieuw en dissonant. Voor mij is de dissonant gelieerd aan schoonheid: het is als een moment van verstoring, als een ongemak dat nieuwe perspectieven opent. De muziek van Monteverdi klinkt niet langer dissonant. Hoe kunnen we hem trouw blijven en op een ander terrein dan de zang op zoek gaan naar dissonanten?" Monteverdi's madrigalen ontstonden in de overgang tussen Renaissance en barok, een periode van onzekerheid, metafysische twijfel en veel ornamenten en decoratie om die leegte te verbergen. Monteverdi's muziek maakt van oorlog en liefde twee onscheidbare affecten, terwijl de schilderkunst van zijn tijd de kwellingen en de twijfel gestalte geeft in het maniërisme. Ingrid von Wantoch: "Ook de schilderkunst 'herorganiseert' de emoties. Bij de maniëristen is het lichaam verwrongen en vol tegengestelde betekenissen: de richting van de blik staat haaks op die van de buste. De maniëristen toonden de onrust van het lichaam." Het is in het lichaam dat Ingid von Wantoch de barok ontmaskert als een periode van decadentie, transgressie, verval, verwarring en wanhoop. Ingrid van Wantoch inspireert zich op de stillevens en op de allegorie van de barokke ‘vanitas’ voor haar schouwspel waarin de perfectie van de muziek en de imperfectie van het lichaam elkaar lijken op te heffen.

Back to top