The Karaoke Dialogues

Kaaitheater

21, 22, 23/05 – 20:30
24/05 – 18:00
EN > NL / FR
± 1h 30min

De Amerikaanse choreograaf Daniel Linehan, sinds 2008 in Brussel gevestigd, is goed op weg een plaats te veroveren tussen de allergrootsten in de danswereld. In eerdere stukken bewandelde hij de lijn tussen dans en niet-dans met een grenzeloze creativiteit en veel speelplezier. Dat doet hij ook in zijn nieuwste creatie, waarmee hij voor het eerst het grote podium bespeelt. The Karaoke Dialogues is een choreografische komedie waarin Linehan de principes van karaoke (je leest het goed!) toepast op de grote klassiekers van de literaire en filosofische canon. De teksten – over sterke persoonlijkheden net voor hun gewisse ondergang – zijn een samenraapsel van citaten met elk hun eigen structuur, ritme en betekenis. Door ze unisono te vertolken – in woorden én bewegingen – vermenigvuldigen de zeven dansers de eigenheid van elke tekst. De woorden bepalen het ritme van de dans. Op de kruising van de individuele benadering van de tekstpartituren en de dynamiek van de collectieve choreografie ontstaat een meeslepende tragikomedie. Straf.

Concept & choreografie
Daniel Linehan

Dans & creatie
Cédric Andrieux/Daniel Linehan, Yumiko Funaya, Néstor García Díaz, Kennis Hawkins, Anneleen Keppens, Anne Pajunen, Víctor Pérez Armero

Dramaturgie
Aaron Schuster

Scenografie
88888

Licht
Jan Fedinger

Kostuums
Frédérick Denis

Technische leiding
Elke Verachtert

Presentatie
Kunstenfestivaldesarts, Kaaitheater

Uitvoerende productie
Caravan Production (Brussel)

Internationale distributie
Damien Valette (Parijs)

Coproductie
Kunstenfestivaldesarts, Opéra de Lille, Rencontres chorégraphiques internationales de Seine-Saint-Denis (Parijs), Vooruit Kunstencentrum (Gent) Residencies Kaaitheater (Brussel), deSingel (Antwerpen), Opéra de Lille, PACT Zollverein (Essen)

Met de steun van
Vlaamse Overheid, Départs/European Commission (Culture programme)

Ondertiteling
ONDA

Residenties
Kaaitheater (Brussel), deSingel International Arts Campus (Antwerpen), Opéra de Lille, PACT Zollverein/CZNRW (Essen)

Daniel Linehan is Artist-in-Residence bij Opéra de Lille sinds januari 2013, Artiste Associé 2012-2014 bij deSingel (Antwerpen) & New Wave Associate 2012-2014 bij Sadler’s Wells (Londen)

Back to top

Gesprek over Dialogen als Karaoke

Aaron Schuster Wanneer heb je voor het eerst aan karaoke gedaan?

Daniel Linehan Nou, het is niet alsof ik veel uren in karaokebars heb doorgebracht om onderzoek te doen voor het stuk. Ik heb het format gebruikt als een soort van ready-made, een populaire vorm die ik helemaal heb willen aanpassen aan het dansmedium.

AS Karaoke is eigenlijk een specifiek soort theater.

DL Het is theater in de tweede graad: in karaoke speel je niet direct een rol, maar je speelt het spelen. Ik word Whitney Houston niet wanneer ik haar nummer zing, maar ik speel dat ik haar wordt.

AS Wat ik interessant vind bij karaoke is de democratische en populaire aantrekkingskracht: in karaoke kan iedereen toegang krijgen tot een kunstwerk (een nummer) en het zelf naspelen, en het dus op een bepaalde manier personaliseren en bezitten.

DL In feite hebben we het gebruikelijke format van de karaoke aangepast. Hier is het een soort geprofessionaliseerde karaoke geworden. Het lijkt alsof je het podium kan opklimmen om met de dansers mee te lezen, maar in feite is alles strak volgens de tekst gechoreografeerd.

AS Dat is interessant. Dus als men in karaoke het spelen speelt, of een performance performt, dan wordt bij The Karaoke Dialogues het gespeelde spelen gespeeld… een simulacrum van karaoke. Je gaat ervan duizelen!

DL Ja, en hoewel er een afstand is tussen de dansers en de uitgebeelde personages, zijn ze natuurlijk ook direct verbonden met de fysieke handeling. De tekst op het scherm verandert, en ze zijn in een staat van paraatheid – klaar om te reageren op de verandering.

AS Op een bepaalde manier zijn de dansers slaaf van de tekst, ze moeten zich aan het ritme van de tekst op het scherm houden, er is dus een soort externe gids die hen aanspoort. En je voelt die beperking in de voorstelling. De performers ‘bezitten’ de tekst niet echt, ze drukken hem niet uit maar ze reciteren hem eerder, volgen hem, moeten hem bijhouden, het tempo volgen.

DL De snelheid van de tekst kan een gevoel van urgentie creëren. Maar aan de andere kant wil ik van de dansers geen slaven van de tekst maken, en ze willen ook geen slaven zijn. Ik denk dat daar een interessante spanning ligt. In de popmuziek-karaoke ben je de slaaf van het ritme van een vooraf opgenomen song, maar je wil ook echt een relatief goede vertolking van het nummer brengen. In de repetities is het ook ergens de bedoeling geweest dat de dansers het gevoel kregen dat ze hun materiaal onder de knie hadden, zodat zij ook een spel met de tekst konden spelen en tijdens het spelen subtiele keuzes konden maken om de tekst te behouden en ook hun actieve betrokkenheid te behouden, zodat ze niet het gevoel hadden door het systeem gestuurd te worden.

AS Maar is dit niet altijd het geval? Tenzij je puur improviseert moet je een hoeveelheid extern materiaal aanleren en het vervolgens internaliseren zodat het een op een persoonlijke expressie lijkt en ook zo aanvoelt. Hier is het de kloof tussen innerlijke expressie en uiterlijke beperking zelf die op het podium wordt geplaatst. Natuurlijk hebben de dansers vele malen gerepeteerd en kennen ze het materiaal. Maar tijdens de voorstelling heb je nog steeds het gevoel dat er een kloof tussen de performers en het materiaal bestaat.

DL Ja, dat is een goed punt. Choreografie is altijd ‘geschreven’, maar het geschrevene is vaak onzichtbaar. Hier is het alsof de karaoke het geschrevene van de dans meer toegankelijk voor het publiek maakt. In plaats van te proberen het kunstmatige achter de voorstelling te verbergen, plaatsen we het volledig op de voorgrond.

AS Je zou kunnen zeggen dat de karaokebenadering in feite iets expliciet maakt dat in alle voorstellingen voorkomt. Het maakt van de link tussen de performers en wat ze uitdrukken iets artificieels. Ik denk dat dit nog duidelijker wordt door de keuze van het materiaal. Normaal heeft karaoke met popmuziek te maken, maar hier karaoken de dansers de klassiekers van de westerse literatuur en filosofie: Plato, Aeschylus, Kafka, Dostojevski, Cervantes, Freud. Waarom heb je deze teksten gekozen?

DL Popmuziek is een soort van gedeelde cultuur en ik wou een ander soort gedeelde cultuur, dus besloot ik teksten uit bekende klassiekers te gebruiken.

AS Het zou grappig zijn om de teksten denkbeeldig in een vreemd soort dialoog te plaatsen: Kafka gaat naar de karaokebar en voert een dialoog van Plato op, die in de volgende kamer Raskolnikov van een scherm aan het lezen is.

DL En vergeet niet dat de dansers elkaar ook vervangen en elkaars rol verdubbelen. Het zou kunnen betekenen dat de danser als individu in staat is om elk van deze karakters te spelen, maar ik hou ook van het idee dat Josef K. Plato speelt, die Freud speelt…

AS Waarschijnlijk is psychoanalyse hier een goede referentie. Je zou kunnen zeggen dat een van de fundamentele ervaringen van de analyse analoog is aan dit gevoel van karaoke: de woorden waarvan je denkt dat ze eigen zijn blijken afkomstig te zijn van een script dat je onbewust reciteert. Kan je je voorstellen dat je een gesprek met een vriend voert, en plots beseft dat er achter de rug van je vriend een scherm staat met de tekst van hetgeen je op dat moment zegt?

DL Een ander belangrijk kenmerk van de gebruikelijke karaoke is dat er muziek is, een soort muzikale achtergrond. Maar dat hebben we allemaal weggelaten, en enkel het lezen van een tekst op het scherm behouden.

AS Misschien was De Republiek oorspronkelijk een nummer waar we de muziek van zijn verloren… alles wat we nu nog hebben is de songtekst.

DL Wel, dat is de manier waarop de klassiekers voor de komst van het schrift werden bewaard. De dichters zongen bijvoorbeeld Homerus’ heldendichten, maar het lied is verloren, en al wat ons rest is de tekst.

AS Of misschien was De Republiek oorspronkelijk geen lied, maar een dans. Aan de oorsprong van de staat liggen dansende mensen: dit zou de eerste vorm van socialiteit zijn, een coördinatie van bewegingen in de ruimte.

DL Alsof Plato een dans zag en die heeft beschreven in een tekst die De Republiek werd. Het tegenovergestelde van wat wij doen. Daar hou ikwel van.

AS Wat is de relatie tussen beweging en tekst in dit stuk? Hoe nauw isde choreografie met de tekst verbonden? Mijn indruk is dat ze geenorganisch geheel vormen. En het gaat niet om het vertalen van deteksten in dans. Soms lijkt het alsof de beweging het natuurlijke ritmevan de tekst breekt, op andere momenten alsof de tekst de choreografiein vreemde richtingen dwingt. Misschien is de echte dialoog in The Karaoke Dialogues niet die tussen de klassiekers, maar tussen debeweging en tekst.

DL Dat is waar. Er zijn momenten waar de twee samen lijken te komen om een geheel te vormen, maar er zijn ook veel momenten van spanning tussen de beweging en de tekst. Die spanning interesseert me, de botsing van dans en tekst en het feit dat ze niet volledig op elkaar afgestemd kunnen zijn. En ook, door te werken met de karaoketekst als basis voor de beweging hebben we een ongewone vorm van dansen gecreëerd die geen natuurlijke fysieke flow heeft. De ene beweging vloeit niet over in de volgende, het zijn allemaal losse stukken.

AS Laten we het hebben over het thema van de wet en het juridisch proces in deze voorstelling.

DL Hoewel de teksten uit zes verschillende bronnen komen, wordt het stuk georganiseerd alsof het het verhaal van een juridisch proces vertelt. Het is interessant om al deze teksten te zien alsof ze op een of andere manier een enkel verhaal vormen, onderverdeeld in hoofdstukken: Wet, Misdaad, Onderzoek, Verdict, Beroep, Straf.

AS Je hebt teksten samengebracht die op verschillende manieren het probleem van de wet behandelen, gaande van een klassieke opvatting naar een moderne. Bij Plato en Aeschylus is de uitdaging het creëren van een rechtsorde, maar in de moderne teksten, zoals Kafka en Freud, is het probleem eerder hoe men aan een dergelijke orde kan ontsnappen: zelfs voor we weten welke misdaad we hebben gepleegd, zijn we al schuldig bevonden en veroordeeld.

DL Ik denk dat het stuk begint bij een toestand van eenvoud: wetten opmaken, criminelen straffen, alsof het gemakkelijk is om een zwart-wit onderscheid te maken. Maar na verloop van tijd worden de zaken ingewikkelder. Bij Kafka wordt je gearresteerd, maar je wordt niet veroordeeld; je wordt schuldig bevonden, maar je wordt niet schuldig verklaard; je wacht op de uitspraak, maar die zal er voor het einde van je leven niet komen. Dat is het dilemma waar Josef K. zich in bevindt.

AS Staat K. voor Karaoke? Josef Karaoke, gevangen in een proces waar hij machteloos in staat…

DL We komen terug bij het thema van controle. Men zou kunnen denken dat de dansers ook gecontroleerd worden door de karaokemachine. Anderzijds lijkt het vaak alsof ze hun dansen volledig onder controle hebben. Soms zijn ze zo bezig met de karaokemachine dat het lijkt alsof ze ze daadwerkelijk controleren. In dit stuk is er een voortdurende dialectiek tussen zelfexpressie en externe controle.

AS Misschien is dat ook een link naar het thema van de wet. Het doet me denken aan Kafka’s verhaal In de strafkolonie, waar de straffen van de veroordeelden op hun lichamen worden geschreven door een monsterlijke tatoeagemachine. Wat relevant is, is het idee dat de wet niet enkel een zaak van teksten en interpretaties is, maar ook een soort ‘schrijven op het lichaam’, een vorm van discipline en beperking die toegepast wordt op lichamen, een vorm van actie. De relatie tussen tekst en lichaam in The Karaoke Dialogues, gethematiseerd via het aspect van de wet, is ook een relatie inherent aan de wet zelf.

Back to top

Daniel Linehan werkte als danser en choreograaf in New York vooraleer hij in 2008 naar Brussel verhuisde om er bij P.A.R.T.S. de Research Cycle te volgen. Als performer werkte hij eerder onder meer samen met Miguel Gutierrez en de Big Art Group. In 2007-2008 was hij ook artist-in-residence bij Movement Research. Met zijn choreografieën bewandelt Linehan de dunne lijn die dans onderscheidt van al het andere. Hij maakt performances vanuit het standpunt van de nieuwsgierige amateur, test verschillende interacties tussen dans en niet-dans, steeds op zoek naar ongewone combinaties, tegenstellingen en parallellen tussen teksten, bewegingen, beelden, liedjes, video’s en ritmes. In New York creëerde hij voorstellingen gebaseerd op tekst en dans met een team van vier andere dansers en werkte hij samen met Michael Helland aan verscheidene duetten. In 2007 ging hij in première met de solo Not About Everything , die sindsdien wereldwijd op meer dan vijftig locaties is vertoond. Zijn meest recente projecten zijn onder meer Montage for Three (2009), Being Together Without any Voice (2010), Zombie Aporia (2011) en Gaze is a Gap is a Ghost (2012). In 2013 creëerde hij het boek A No Can Make Space. Zijn nieuwe voorstelling, The Karaoke Dialogues , gaat in mei 2014 in première. Daniel Linehan is op dit moment Artiste Associé 2012-2014 in deSingel Internationale Kunstencampus (Antwerpen), sinds januari 2013 artist-in-residence in de Opéra de Lille, en New Wave Associate 2012-2014 in Sadler’s Wells (Londen).

Back to top