Tentative Assembly (the tent piece)

Kaaitheater

4, 5, 7/05 – 20:30
6/05 – 15:00
±1h 15min

Op een paar jaar tijd heeft de jonge Amerikaanse danseres en choreografe Eleanor Bauer zich laten opmerken als één van de aanstormende talenten van de Belgische en internationale dansscène. Opgeleid in New York en Brussel – waar ze op dit moment woont en werkt – verdiepte ze zich grondig in politieke, filosofische en esthetische theorieën. Ze zet haar choreografische talent en haar onweerstaanbare humor in voor een uitgesproken reflectie op de wereld van vandaag. Haar nieuwe creatie, het tweede deel van een trilogie die begon met A Dance for the Newest Age (the triangle piece), benadert een choreografie als een onderzoeksruimte voor alternatieve vormen van samenleven. Ze zet lichaam, dans en beweging in om performers en toeschouwers samen te laten komen en een gemeenschappelijke ervaringsruimte te laten opbouwen. Een plek voor een vluchtige samenkomst, een utopie, waar elke individuele actie het ontstaan van nieuwe collectieve constellaties mogelijk maakt.

Regie
Eleanor Bauer

Choreografie & performance

Eleanor Bauer, Cecilia Lisa Eliceche, Magali Caillet-Gajan, Michael Helland, Liz Kinoshita, Michiel Reynaert, Manon Santkin, Gabriel Schenker, Adam Weig

Dramaturgie & choreografieassistentie
Pierre Rubio

Muziek

Chris Peck

Scenografie

Karel Burssens & Jeroen Verrecht / 88888

Lichtontwerp

Colin Legras

String figures specialist

Philip Noble

Presentatie

Kunstenfestivaldesarts, Kaaitheater

Productie

Caravan Production for GoodMove (Brussel)

Coproductie

Kunstenfestivaldesarts

(Brussel), Kaaitheater (Brussel), Rotterdamse Schouwburg, Centre Chorégraphique National de Montpellier Languedoc-Roussillon (CCNM) & Jardin d’Europe (Montpellier), TAKT Dommelhof (Neerpelt), PACT Zollverein (Essen), workspacebrussels (Brussel)

Met de steun van
Vlaamse Overheid

Project gecoproduceerd door

NXTSTP, met de steun van het Cultuurprogramma van de Europese Unie

Back to top

“I’m doing fine but,
Who knows what happens next year,
You must understand my fear,
Not sure how I should adhere,
To standards I had held dear,
No good in shedding a tear,
I know I will persevere,
Stick to my own hemisphere,
Before I go interfere,
What use is a new frontier,
When we’ve got issues so near,
What one calls a financier,
One calls a big racketeer,
Friends, Romans, countrymen dear,
C’mon and lend me your ear!”
Liz Kinoshita & Chris Peck, fragment uit ‘Dear Ms. Representative’ (lied)

Tentative Assembly (the tent piece) is niet het laatste antwoord op de problemen van de wereld, maar een uitnodiging tot die problemen, terwijl het theater wordt aangewend als een ruimte waar iets mogelijk wordt en de performance als een ruimte van ontmoeting en een tijd waarin we gepassioneerd kunnen oefenen, vragen stellen en fantaseren, en zaken die we niet langer kunnen negeren, kunnen openleggen en ontwikkelen.”
Eleanor Bauer

“We proberen hier niet de wereld te redden, maar we lijken wel allemaal enorm geïnteresseerd te zijn in de idee van het redden van de wereld. De idee van ‘de wereld’ is op zichzelf al een beetje overweldigend, het redden ervan is dat al helemaal. Het doet me denken aan die foto’s van de aarde die van op de maan werden genomen. Kan je je inbeelden dat je op de f***ing maan staat? Dat je tussen je duim en vinger de aarde kan vermorzelen, als ware ze het hoofd van een zakenman? Misschien redden we de wereld van een of andere patser op die maan die denkt dat hij alle macht heeft, alleen maar omdat hij daar een wat ruimer zicht heeft?”
Chris Peck

“Ik ben niet wat ik weet, ik ben wat ik doe met wat ik weet.”
Gabriel Schenker

Aan deze programmatekst gingen verschillende aanzetten vooraf om tot een ander soort tekst te komen dan de voorbeschouwing die hier nu voorligt. Na het uittikken van een gesprek met Eleanor Bauer dat eind maart plaatsvond, besloten we dat een tweede gesprek nodig was over het hoe en waarom van een programmatekst. Tijdens dat tweede gesprek beslisten we om alle performers, componist, dramaturg en scenografen van Tentative Assembly (the tent piece) een korte brief voor u te laten schrijven. Ook dook de idee op om de partituren van de muziek die in Tentative Assembly (the tent piece) te horen zou zijn, te publiceren. Op het moment dat deze tekst moest worden voltooid, was het echter niet zeker of de muziek waarvan de partituren zouden worden uitgeschreven, nog in de voorstelling zelf zou worden gespeeld of gezongen. De korte brieven bleken dan weer te divers van stijl en inhoud, wat het lezen ervan als één programmatekst moeilijk zou hebben gemaakt. De twee pistes werden zodoende terzijde geschoven, zij het niet helemaal. Van de korte teksten die Eleanor Bauer, Cecilia Lisa Eliceche, Magali Gajan, Michael Helland, Liz Kinoshita, Chris Peck, Michiel Reynaert, Pierre Rubio, Manon Santkin, Gabriel Schenker, Adam Weig en Karel Burssens & Jeroen Verrecht/88888 schreven, bevat deze tekst alsnog enkele fragmenten, alsook van een langere tekst van componist Chris Peck – hij had zich vergist in het aantal tekens, wat een wondermooie tekst opleverde. We beginnen echter met een korte uiteenzetting over het eigenlijke creatieproces van de voorstelling, zoals Eleanor dat halfweg april in een derde interview toelichtte. Dat creatieproces begon met de keuze van de mensen met wie ze zou gaan samenwerken. Ze koos voor een heterogene groep van mensen met achtergronden in uiteenlopende kennisdomeinen en artistieke verledens en praktijken die sterk van elkaar verschilden, zij het dat de negen performers op scène elk ook een achtergrond in dans hebben.

“Experimenteren in zelforganisatie, terwijl je zoekt naar nieuwe manieren om te denken over relaties tussen het individu en het collectief, die niet op traditionele modellen zijn gestoeld, veronderstelt dat iedereen op elk moment zijn eigen rol creëert. Wanneer je rol niet gedefinieerd is, zal je telkens weer zelf moeten beslissen over hoe je rol eruitziet.”
Eleanor Bauer

Het heterogene karakter van de groep zorgde ervoor dat tijdens het eigenlijke creatieproces veel zou worden onderhandeld en er zowel individueel als samen dingen zouden worden gecreëerd. Eleanor zelf ging daarbij niet uit van de idee dat zij als choreografe van de voorstelling op haar eigen intuïtie zou mogen afgaan. Intuïtie beschouwde ze in dit creatieproces als een ruimte die door verschillende mensen kan en moet worden gedeeld. In zo’n gedeelde ruimte, veeleer dan te midden van een set van individuele processen, kwam ieders verbeelding aan zet. Vandaag wordt verbeelding doorgaans als een privézaak beschouwd, al dan niet gerecupereerd door vormen van commercie. Hier infecteerde men echter elkaars fantasieën in een ruimte van intuïties die eigenhandig en naar eigen inzichten met elkaar werden gedeeld. Concreet: iedereen verwoordde of verbeeldde hardop zijn of haar fantasieën over de uiteindelijke voorstelling (die, door ze al vroeg in het proces te verwoorden en verbeelden, ook verrassend snel concreet werden, zo bleek). De verbeelding werd iets publieks.

Tegelijkertijd ontwikkelde iedereen individuele voorstellen voor gedeelde praktijken. Het diverse spectrum dat daaruit resulteerde, reikte van meditatieve praktijken en beweging door middel van contactimprovisatie tot woordspelletjes en een wandeling in de buurt. Al die praktijken werden vervolgens in dialoog met telkens iemand anders uit de groep geïnfecteerd en mogelijks aangepast. Iedereen leidde de groep anderhalf uur lang en legde de groep op dat moment een eigen voorstel tot een praktijk voor. Eens dat was gebeurd, deelde de groep zich op in koppels, die elkaars praktijken zouden infecteren en aanpassen. Nadien belandden de praktijken weer in de groep. Uit wat eerst individuele praktijken waren, ontstonden er zo op de lange duur hybride, gebastaardiseerde, gemeenschappelijke, ‘communalistische’praktijken. Een eerste reeks toonmomenten die begin maart voor een kleine groep buitenstaanders plaatsvonden, toonden korte scènes, zoals een koor van affecten, een gefluisterd kwartet, revolutionair neuriën en het uiteenrafelen van een trui. Sommige hiervan zullen wellicht ook nog te zien zijn in de voorstelling die u zo dadelijk zal gaan zien, of die u (net) gezien hebt. Tegelijkertijd las en bediscussieerde iedereen teksten en ideeën over communalistische vormen van politiek en samenleven. Marx en Spinoza lagen op tafel, naast nog een rist hedendaagse filosofen, en men verdiepte zich in communisme. De Internationale werd gezongen, zij het achterstevoren. Dat alles gebeurde op aanbrengen van verschillende mensen uit de groep, waarbij tijd (binnen een strakke agenda) en ruimte (tafels en stoelen) werden vrijgemaakt voor dialoog.

Bovenstaande uiteenzetting geeft hopelijk een ruw idee van hoe de wil tot een communalistisch experiment het creatieproces van Tentative Assembly (the tent piece) vanaf het begin heeft doortrokken. Dat experiment heeft een politieke betekenis. Cecilia Lisa Eliceche verwoordt die betekenis voor haarzelf als volgt: “I want to think of the existence of other spaces for experiencing and thinking politics like this one and unlike this one.” Tentative Assembly (the tent piece) is een tweede luik van wat een trilogie zou worden. Anderhalf jaar geleden stond Eleanor Bauer in A Dance For The Newest Age (the triangle piece) samen met vijf andere performers op scène, onder wie al Cecilia en Liz Kinoshita. Componist Chris Peck creëerde samen met Eleanor de muziek. Zowel de eerste als de laatste scène van die voorstelling suggereerden een nieuw begin. Zes dansers traceerden een lege ruimte waarin een nieuwsoortig samenzijn zou kunnen gedijen, als betrof het hier een fictie. Tegelijk echter stonden er zes reële lichamen op scène. In de laatste scène “bewegen ze elk voor zich, hun antagonistische bewegingen en geluiden ogen primitief maar evengoed hoopvol, als waren ze de oerscène van een nieuwe wereld”, schreef ik destijds. Die laatste scène leverde na elke voorstelling interessante discussies op. Ze genereerde nieuwe vragen, zoals: waarom leek in die laatste scène plots elke vorm manifest afwezig? Kon je er een breuk in ontdekken met de rest van het stuk, en was die breuk niet te groot? Begon er hier geen ander stuk? Wanneer Eleanor in oktober 2011 op haar eigen website de komst van een nieuwe voorstelling aankondigde als sequel van A Dance For The Newest Age (the triangle piece), verwijst ze naar die laatste scène:

“Nadat A Dance for the Newest Age (the triangle piece) de vorming en de desintegratie van één lichaam uit heel veel lichamen op scène heeft gezet, verkennen we in Tentative Assembly (the tent piece) nieuwe vormen van gemeenschap en individualisering die ontluiken uit dat wat al eengemaakt was. Opgevat als een formeel en welbewust modern stuk, organiseert (the triangle piece) lichamen in strak geordende en symmetrische structuren, die ten slotte uit elkaar waaien in een obsederende en ambivalente scène, waarin de performers, gevat in onzekerheid als ze zijn, de paradoxale en bevreemdende ervaring delen van samen alleen te zijn. Tentative Assembly (the tent piece) startte vanuit die scène en verkende verder de neiging tot volatiliteit en vertakking van individuen in verhouding tot elkaar en hun fysieke omgeving. Terwijl in (the triangle piece) wetten over vorm voorafgingen aan de actie, gaan in (the tent piece) nieuwsgierigheid en actie vooraf aan de vorm. We vragen ons niet af wat het betekent om samen vormen te creëren, wel wat voor vormen voortkomen uit het aanpakken van de betekenis en de ervaring van samen te zijn.”

Tentative Assembly (the tent piece) is een vervolg op A Dance For The Newest Age (the triangle piece). In de laatste scène van dat eerste deel van wat een trilogie zal worden, ging het over ‘being alone together’, in een bewegingstaal waarin vormelijke (fysieke en klimatologische, zo leek het, de lichamen hadden iets volatiels) principes de beweging van de lichamen voorafgingen. Kort: eerst was er de vorm, dan de actie. In het tweede deel wordt dat volatiele van het hedendaagse individu, tot elkaar en tot de ruimtes waarin we leven, heel concreet, en wordt er gefocust op nieuwe mogelijkheden tot samenwerken en samenzijn. Tegelijkdoet Eleanor Bauer in Tentative Assembly (the tent piece) het omgekeerde van wat ze eerder deed. Samen met acht andere performers, een componist, een dramaturg, twee scenografen, een lichtontwerper en een expert op het vlak van draadfiguren heeft ze ditmaal de actie vooraf laten gaan aan de vorm.

Deze tekst werd geschreven tussen 17 en 21 april. Tijdens die dagen wordt de eigenlijke opbouw of compositie van het stuk afgerond. Welke praktijken en materialen zullen te zien zijn in de voorstelling? Welke niet? En hoe volgen ze elkaar op? De uitdaging om een communalistische benadering van een creatieproces met negen performers vol te houden, werd prangend na een eerste avondvullend toonmoment, ergens begin april. Tijdens dat toonmoment kreeg het publiek een reeks praktijken te zien, na elkaar gepresenteerd, alsof ze samen één voorstelling zouden kunnen vormen. Een logische maar evengoed conventionele reactie van sommige toeschouwers was dat Eleanor als choreografe toen beslissingen zou moeten nemen over de eigenlijke structuur van het stuk. Tot op het moment van dit schrijven blijft haar artistieke praktijk, en dat van de andere mensen in de groep, echter geijkt op een communalistische manier van werken. Net zoals verbeelding iets subjectiefs is, maar daarom nog niet tot de privésfeer van één individu hoeft te worden herleid, geldt dat ook voor de compositie van een voorstelling.

Lars Kwakkenbos, met dank aan Eleanor Bauer, Cecilia Lisa Eliceche, Magali Gajan, Michael Helland, Liz Kinoshita, Chris Peck, Michiel Reynaert, Pierre Rubio, Manon Santkin, Gabriel Schenker, Adam Weig en Karel Burssens & Jeroen Verrecht/88888

Back to top

Eleanor Bauer is een in Brussel gevestigde Amerikaanse choreografe en danseres. Ze studeerde aan de NYU Tisch School of the Arts (Bachelor of Fine Arts, 2003) en P.A.R.T.S. (Researchcyclus 2006). Haar stukken ELEANOR! (solo, 2005), At Large (trio, 2008), (BIG GIRLS DO BIG THINGS) (solo, 2010), en A Dance for the Newest Age (the triangle piece) (sextet, 2011) ontvingen internationale bijval. Bauer trad op in werk van onder anderen, David Zambrano ( Soul Project, 2006), Mette Ingvartsen ( why we love action, 2007), Trisha Brown ( Accumulation en Floor of the Forest for Documenta 12, 2007), Anne Teresa de Keersmaeker (The Song, 2009), Xavier Le Roy ( low pieces, 2010), en Boris Charmatz (Levée des conflits, 2010, en enfant, 2011). Bauer creëerde of participeerde in specifieke projecten als heart the band/hear the bend, een lange-afstandsperformancecollectief met Beth Gill, Chris Peck, Jon Moniaci en Chase Granoff dat periodiek performt sinds 2004; Dig My Aura, een solo voor YouTube uit 2006; 6M1L (6 Maanden, 1 Locatie), een groepsonderzoek aan het CCNM in Montpellier dat in 2008 werd opgestart door Xavier Le Roy en Bojana Cvejic; de episodische The Heather Lang Show door Eleanor Bauer en Vice Versus sinds 2009, en evenementen als walk+talk in maart 2011 in de Kaaistudio’s op initiatief van Philipp Gehmacher, en Musée de la danse: expo-zero op Performa 11 in New York. Bauers geschriften over dans werden zowel gepubliceerd in het Newyorkse Movement Research Performance Journal, Maska (Ljubljana), en NDD van Contredanse (Brussel) als in verschillende publicaties van Sarma, everybody's, Nadine, P.A.R.T.S., en The Swedish Dance History.

Back to top