Talk

Kaaitheater

17/05 - 189:00
EN (no translation)
+- 1h

Op het hoogtepunt van zijn internationaal succes besloot Árpád Schilling zich terug te trekken op het platteland. In plaats van klassiekers te ensceneren met zijn ensemble Krétakör wilde hij in een andere sociale context aan de slag om zelf aan den lijve te ondervinden wat de betekenis van kunst kan zijn in een samenleving, ver van alle roem en erkenning. Hij ging aan de slag met kinderen en jongeren in dorpen waar conservatieve krachten en vastgeroeste ideologieën nog vrij spel hebben. Deze keuze vindt zijn neerslag in de creatie van zijn Krízis-trilógia , waarvan het Kunstenfestivaldesarts het laatste deel presenteert: A papnő ( The Priestess ). Om de hele trilogie te kaderen en meer inzicht te krijgen in de verhouding tussen het sociale en het artistieke in zijn werk, organiseert het festival een lezing met Árpád Schilling over het waarom van zijn keuze, de politieke dimensie ervan binnen het theater, binnen de maatschappij en binnen het Hongarije van vandaag. Een unieke kennismaking met een bevlogen kunstenaar.

Een lezing door

Árpád Schilling

Presentatie
Kunstenfestivaldesarts, Kaaitheater

Back to top

Árpád Schilling (°1974) is regisseur en artistiek directeur van Krétakör. Hij begon zijn carrière op zijn negentiende. Hij stichtte het Krétakör Theater in 1995. Datzelfde jaar begint hij zijn studie aan de Universiteit voor Theater en Film van Budapest, in de afdeling regie. Parellel met deze studie bestuurt hij Krétakör, maar tussen 1998 en 2000 werkt hij op uitnodiging van directeur Gábor Zsámbéki ook als regisseur aan het wereldberoemde József Katona theater. In 1999 brengt hij voor het Festival van de Europese Theater Unie Platonov van Tsjechov op de planken met de studenten van het Théâtre National van Straatsburg. Datzelfde jaar ontvangt hij de Prijs van de Hongaarse Theatercritici in de categorie “jonge beloftevolle professionals” onder andere voor de regie van Public Enemy van István Tasnádi in het József Katona Theater. Na het weigeren van verschillende aanbiedingen van institutionele theaters, vormt hij samen met cultureel manager Máté Gáspár, het Krétakör Theater om in een permanent gezelschap. Hun meest emblematische stuk is De Meeuw van Tsjechov uit 2003.

Back to top