Our city

Verschillende locaties in de stad

83min
FR / NL

Cinema Galeries
20/05 – 20:30
21/05 – 20:30
22/05 – 20:30
23/05 – 20:30

Openluchtvertoning Parking 58
24/05 – 22:00

Hello, I’m Brussels. How is it going with me? Filmmaakster Maria Tarantino neemt je mee op haar omzwervingen door Brussel: hoofdstad, wereldstad, onze stad, waar achter elke façade stukjes wereldgeschiedenis schuilgaan. In een collage van toevallige ontmoetingen en situaties speurt ze naar de ziel van deze hyperdiverse stad. Our City is een caleidoscopisch portret van Brussel, een mozaïek die de multiculturele metropool en al haar contrasten tot leven brengt op het witte doek. Wie is Brussel?

Tekst & regie
Maria Tarantino

Beeld
Klaas Boelen

Producent
Maria Tarantino, Maarten Schmidt

Montage
Rudi Maerten, Menno Boerema

Klank
Origan Cannella, Bruno Schweisguth

Klankopname
Origan Cannella, Maxime Coton

Muziek
Matthieu Ha

Klankmontage
Rémi Gerard

Kleurcorrecties
Michaël Cinquin, Josja van Zadelhoff

Productieadvies
Mieke De Wulf

Camera
Virginie Surdej, Katrien Vermeire, Johan Legraie, Benjamin Lauwers

Geluid
Gedeon Depauw, Olivier Philippart, Ophelie Boully, Rafaël Sellekaerts, Alexander Baert

Montageassistent
Ruben Van Der hammen

Regieassistenten
Klaas Boelen, Khristine Gillard

Productieassistent
Olivier Dodier, Marianne Verwilghen, Hussein al Zubaidi

Presentatie
Kunstenfestivaldesarts, Beursschouwburg, GALERIES Cinéma

Productie
Wildundomesticated (Brussel)

Coproductie
Pieter van Huystee Film (Amsterdam), Lichtpunt, CVB (Centre Vidéo de Bruxelles)

Met de steun van
Vlaams Audiovisueel Fonds, Nederlands Filmfonds, Centre du Cinéma et de l’Audiovisuel de la Fédération Wallonie-Bruxelles et de Voo, Atelier Cinéma Gsara, Vlaams-Nederlands Huis deBuren (Brussel), Région de Bruxelles-Capitale/Brussels Hoofdstedelijk Gewest, Vlaamse Gemeenschapscommissie, Vlaamse Overheid - Coördinatie Brussel, KVS (Brussel), Vlaams Cultuurhuis De Brakke Grond (Amsterdam), Commune Molenbeek Saint-Jean/Gemeente Sint-Jans-Molenbeek, Kunstenfestivaldesarts

Vertoningen in Brussel met de steun van
Brasserie de la Senne

Back to top

Our City

Our City is een vijf jaar durend avontuur geweest, een grenzeloze zoektocht, een strijd voor klaarheid, een liefdesaffaire met de complexiteit, een verzoening met de eigen demonen, een proeftuin voor experiment, een oefening in provocatie, een voorlopig sprookje, een groot deel van het leven gedeeld met een groot aantal mensen die ons tijd en aandacht hebben gegeven en ons in hun wereld hebben binnengelaten.

Ik herinner me een nacht te hebben doorgebracht op een lift samen met de technicus die de lampen van de straatverlichting langs de Wetstraat aan het vervangen was, vier meter boven de grond, met een stroom auto’s die onder ons door vloeide. En een voorjaarsmiddag op de Kunstberg, toen de boomsnoeiers de takken van de geknotte bomen kwamen snoeien in een strak groen vlak. Gewapend met kettingzagen kwamen ze tevoorschijn als centauren uit een dik tapijt van bladeren dat boven de boomstammen hing. Het was een surrealistisch beeld van de stad, met dit grote groene vlak midden in de lucht en het perspectief van de historische gebouwen eromheen. Maar het belangrijkste was het gevoel van verheffing, van zich boven de grond te bevinden. Al van het begin was ik op zoek naar dit gevoel. Ik werd aangetrokken door het idee van een camera die vrij kan zweven in de ruimte, zonder belemmeringen. Niet het lege oogpunt van een machine, maar een zichtbaarheid die vol energie is, een zichtbaarheid die kan worden omschreven als een dans van het leven. We waren geïnspireerd door de heldendaden van Kalatozov in I Am Cuba, zonder de middelen te hebben om die zelf te verwerkelijken, maar soms stelde het ons in staat om de documentaire werkelijkheid te overstijgen.

Alsof we in het rond draaiden, zo reden we met de auto in cirkels met de camera op de motorkap. Als kinderen die de stad heruitvinden door middel van spelletjes, zoals bij die groep van Oost-Europese jongeren die samen acrobatische spelletjes improviseerden op straat. Ik herinner me hoe ik Hassan, een jonge Pakistaan, die ik had ontmoet in een speeltuin in de buurt van het Anneessensplein waar hij probeerde te voetballen met een aantal lokale kinderen, terug naar huis begeleidde. Hassans familie was net in Brussel aangekomen, maar hij droomde ervan naar Engeland door te reizen, om daar ooit eens in het Wembley Stadium te kunnen voetballen! Kinderen dromen in de schaduw van de dromen van hun ouders!

Van speelsheid – zoals toen we de stad voor de gek hielden en ons voordeden als stedelijke clowns in oranje overalls en Formule 1-vlaggen gingen zwaaien voor een rivier van auto’s die bij de stoplichten van de Wetstraat, de straat van de wet, waren gestopt. In deze dadaïstische performance zetten we de bestuurders aan om naar het werk te snellen, zwaaiend met onze vlaggen en net uit de weg van de brullende motoren springend voor het licht op groen sprong. Voorbijgangers vroegen ons waartegen we protesteerden. Ze waren onthutst toen we antwoordden dat we helemaal niet protesteerden. Dat is wat men verwacht in de Wetstraat, in de hoofdstad van de bureaucratie.

Van private en publieke rituelen – al die kleine en grote acties die mensen en gemeenschappen uitvoeren om een sterkere binding met een plaats of zichzelf te creëren. Ze konden zo klein en onzichtbaar zijn als de man die naar de Brusselse skyline stond te kijken vanop de esplanade aan de Kunstberg, die plaats in Brussel die hem deed denken aan de bergen van zijn dorp in Turkije. Ze konden zo pijnlijk zijn als het met een mes kerven in de schors van bomen op de Kruidtuinlaan, de manier waarop een Congolese vrouw haar afscheid van de stad en haar terugkeer naar huis wegens een terminale ziekte markeerde. Ze konden zo politiek zijn als de bezetting van kranen op het De Brouckèreplein door een groep asielzoekers in hongerstaking: hun manier om de blik van de mensen naar boven te lokken en hen bewust te maken van hun benarde, vaak doodgezwegen situatie.

Dit was het landschap van de film vóór de film. Vele belangrijke en ontroerende situaties werden niet in de uiteindelijke montage opgenomen, maar voedden mijn beschouwingen. Ze maakten de film die nu bestaat mogelijk en zullen altijd een plaats in mijn hart hebben.

Van stilte – de prachtige stilte van lege gebouwen en braakliggende terreinen, ruimtes die geen betekenis meer hebben, of toch bijna niet, in termen van economisch gewin, en die er, slaperig en mooi, prachtig veelbelovend bij liggen voor zij die zich de dingen anders durven verbeelden. Zoals het dak van het Rijksadministratief Centrum – het eerste dak dat de vele daken die in de film verschijnen anticipeert – met zijn uitgestrekte, eindeloze gangen en brutaal vernielde vloeren. Of de grassige uitgestrektheid van Tour & Taxis, waar we twee kleiovens bouwden en een hele zomernacht lamsvlees kookten, als voorbereiding op een barbecue en een concert voor de mensen die betrokken waren geweest bij de film. Het was bedoeld om de eindsequens van de film te worden en de viering van een collectief werkproces.

Deze nieuwsgierigheid naar de ruimte en het gebruik dat je ervan kunt maken is wat ons naar het verkennen van werven heeft geleid, vooral die van het Schumanplein, een wonderlijk project dat de restauratie van een monumentaal pand, de bouw van een nieuw gebouw en het aanleggen van een treinknooppunt eronder inhield! Iedere dag veranderde het werkterrein, met paden die veilig waren en andere die gevaarlijk waren geworden. Klaas Boelen en ik filmden het gedurende drie jaar. We waren gefascineerd door deze fysieke confrontatie met haar grootse en veranderende choreografie, gebiologeerd door de plotselinge muzikaliteit van haar geluiden. De meest memorabele momenten vonden ‘s nachts plaats, tijdens het epische proces van het gieten van beton over de wapeningsnetten die tientallen mannen in de loop van de dag hadden samengewoven met tangen of wanneer de duisternis van de stille werkplek werd opgeschrikt door de plotse vuurflitsen van de lassers, hoog onder het complexe patroon van de metalen balken. De scène gefilmd vanuit de container was een geschenk van Marcel en Manu, twee arbeiders die ons jaren op de site hadden zien rondspoken. De vliegende container werd, samen met de beelden van de site, een metafoor voor de stad: de bouw als een proces dat creatief kan zijn en dat rekening kan houden met de behoeften en wensen van de mensen.

De film evolueert als een eindeloze horizontale blik van de ene situatie naar de volgende op basis van een associatie van ideeën of een visuele textuur. Soms is het de dichter en taxichauffeur Koresh Garegani die de kijker van de ene plaats naar de volgende brengt, soms zijn het de kinderen die spelen in de stad. Voortdurend doorkruisen wij de ruimte en beschouwen een breed scala aan situaties die binnen dezelfde stad bestaan, maar zelden als één geheel worden gezien. Ik verwijs hierbij niet naar een soort van leuke multiculturele trip of een modieuze catalogus van diversiteit, maar naar de rommelige, harde en toch ontroerende coexistentie van tegengestelde belangen en behoeften. Spreken over culturele diversiteit, zonder rekening te houden met de politieke en economische krachten die eraan ten grondslag liggen en beïnvloeden, heeft geen zin.

Our City is het portret van een stad die aan iedereen toebehoort, een ‘stad van buitenlanders’ die zich hier luider affirmeert dan elders. Brussel is een luchtspiegeling met vele gezichten. In haar dubbelzinnige profiel zoeken expats en immigranten, pendelaars en asielzoekers allemaal de belofte van een eigen geluk. We zeggen vaak dat Brussel geen sterke identiteit heeft zoals Parijs of Londen. Dat komt omdat Brussel leeft, omdat het nog steeds ademt, omdat het ‘in de maak’ is.

Our City is een film over een stad in aanbouw. Aan haar horizon kan je de silhouetten van kranen en de skeletten van nieuwe torens zien. Maar wat is de menselijke constructie die we hier opzetten?

Maria Tarantino, april 2015
Nederlandse vertaling: Michael Meert

Back to top

Maria Tarantino (1972, Milaan), studeerde af in de filosofie aan de universiteit van Edinburgh en ging verder onderzoek verrichten aan de KU Leuven, de Universiteit van Wuppertal en Ca’ Foscari in Venetië. Haar interesse gaat uit naar de fenomenologie, een eigentijdse tak van de filosofie die zich richt op de mens, zijn structuren en begrip van de wereld. Na tien jaar academische studies besloot ze om de wereld van de informatie en communicatie te verkennen. Na een stage bij Le Monde Diplomatique in Parijs in 2011, ging ze als freelance-journalist werken voor verschillende Italiaanse en Belgische publicaties, radio en televisie, en schreef over politiek, cultuur, film en eten (Radio Rai 1, Pure FM, La Première, De Morgen , Deng , Et Cetera , Il Manifesto , Diario della Settimana , Slowfood ). In 2005 en 2006 presenteerde ze op Canvas de innovatieve reeks van 25 documentaires De Wereld Van Tarantino . Zij maakte ook een uitstap naar de wereld van de hedendaagse kunst met de vertaling van haar journalistieke werk naar een ander register: een auto die democratie heet … (audio-installatie, 2006), SAP ( Sociaal Autonoom Produkt , 2008), GMOs ( Generously Modified Organisms , een reeks van gratis workshops over fermentatie), CityOneMinutes Chartres (24 video’s, 2012). In 2009 stapte Tarantino over op film en regisseerde Inside Out , een analyse van de machtsverhoudingen in een Italiaanse gevangenis waar een groep gevangenen een theatervoorstelling maakt. De film werd getoond op het London Independent Film Festival, toerde in gevangenissen in België en Italië en werd in een televisieversie uitgezonden op BBC World. Het jaar daarna reisde ze naar Burundi om Kubita , een zelfgefinancierde en zelfgefilmde film over martelingen in Burundese gevangenissen, te maken. Kubita werd getoond op de festivals van Docville, Parnu, Luik en Bujumbura en uitgezonden op TV5. In hetzelfde jaar richtte ze in Brussel het productiehuis WILDUNDOMESTICATED op, dat een middellange film over het Brusselse operahuis en een reeks korte films over Chartres maakte alvorens het lange avontuur van Our City aan te vatten.

Back to top