La nuit des taupes

Welcome to Caveland!

Kaaitheater
  • 06/05 | 20:30
  • 07/05 | 20:30
  • 08/05 | 15:00
  • 09/05 | 20:30

€ 20 / € 16
1h 45min
FR > NL

Ontmoet de artiesten na de voorstelling op 7/05

Philippe Quesne is een eregast op het Kunstenfestivaldesarts. Deze eigenzinnige Franse theatermaker heeft een achtergrond in de beeldende kunsten. Sinds 2014 staat hij mee aan de leiding van het Théâtre Nanterre-Amandiers. In mei 2016 komt Quesne naar Brussel met de wereldpremiere van een nieuw stuk. La nuit des taupes dompelt de toeschouwers onder in een allegorische wereld van reusachtige mollen en andere fantastische wezens die er hun toevlucht hebben gezocht. Een met sluiting bedreigd kunstencentrum gaat ondergronds in een ruimte die het midden houdt tussen een prehistorische nederzetting, een atoomschuilkelder en de grot van Plato. In de grot wordt een ‘ecosofisch’ theater geschreven, waarin het menselijke perspectief wordt afgewogen tegen het dierlijke. Met La nuit des taupes knoopt Philippe Quesne aan bij het genre van de maatschappelijke sciencefiction. Hij maakt van het theater een utopische vrijplaats en neemt het publiek mee op een reis naar het middelpunt van de aarde, waar dromen het bewustzijn kunnen aanwakkeren. Hoe ziet onze eigen wereld eruit vanuit de grot?

Zie ook
Welcome to Caveland!

Met
Yvan Clédat, Jean-Charles Dumay, Léo Gobin, Erwan Ha Kyoon Larcher, Sébastien Jacobs, Thomas Suire, Gaëtan Vourc’h

Kostuums
Corine Petitpierre

Assistentie
Anne Tesson

Medewerking dramaturgie
Léo Gobin, Lancelot Hamelin, Ismael Jude, Smaranda Olcese

Artistieke & technische medewerking
Marc Chevillon, Yvan Clédat, Elodie Dauguet, Abigail Fowler, Thomas Laigle

Technische ploeg creatie Nanterre-Amandiers
Patrick Bonnereau, Joachim Fosset, Alain Gravier, Pauline Jakobiak, Jean-Christophe Soussi

Decorbouw Ateliers Nanterre-Amandiers
Michel Arnould, Philippe Binard, Alix Boillot, Jérôme Chrétien, Jean-Pierre Druelle, Fanny Gautreau, Marie Maresca, Myrtille Pichon, Olivier Remy, Claude Sangiorgi

Stagiairs scenografie & decor
Chloé Chabaud, Juliette Seigneur, Amélie Wellan

Kleedsters
Karelle Durand & Lydie Lalaux

Presentatie
Kunstenfestivaldesarts, Kaaitheater

Productie
Nanterre-Amandiers – centre dramatique national

Met de steun van
Fondation d’entreprise Hermès, in het kader van het programma New Settings

Coproductie
Kunstenfestivaldesarts, steirischer herbst festival (Graz), Théâtre Vidy-Lausanne, La Filature – Scène nationale (Mulhouse), Künstlerhaus Mousonturm (Frankfurt), Théâtre national de Bordeaux en Aquitaine, Kaaitheater (Brussel), Le Parvis Centre d’art (Tarbes)

Met de medewerking van
Groupe de recherche Behavioral Objects (coordination Samuel Bianchini), l'École Nationale Supérieure d'Architecture de Paris – Malaquais AAP (Art, Architecture, Politique) Atelier Jordi Colomer "Welcome to Caveland ???"

Voorstelling in Brussel met de steun van
Institut français & Ambassade de France en Belgique, in het kader van EXTRA

Project gecoproduceerd door
NXTSTP, met de steun van het Cultuurprogramma van de Europese Unie

Back to top

Gesprek met Philippe Quesne

Is Welcome to Caveland! een vervolg op Swamp Club?
Zoals wel vaker in mijn werk het geval is, komt dit nieuwe project voort uit het slot van mijn vorige voorstelling. Swamp Club ging over een bedreigd kunstencentrum. Het stuk eindigt met de evacuatie van de acteurs, die in een tunnel verdwijnen om onder de grond een schuilplaats te zoeken. Hun gids is een reusachtige mol… Ik had zin om een vervolg te breien aan dat avontuur in de grot. Door de spelers te laten onderduiken in de aarde ontvouwt er zich een waaier aan interessante thema’s over de onderwereld, van Plato tot Bin Laden over de vele beroemde plekken in literatuur en films. Ik wil de allegorie van de grot analyseren, de concepten die ze bij ons oproept: toevluchtsoord, eerste nederzetting, schuilplaats, atoomschuilkelder, maar ook theater – want het theater is niet minder dan de kunst van de grot. Toen onze planeet in de jaren vijftig onder de nucleaire dreiging gebukt ging, leerde men mensen aan de hand van een zelfbouwpakket schuilkeldertjes te bouwen. Ik wil begrijpen hoe het voelt om je te beschermen tegen een wereld die zich boven je bevindt en niet onder je. Wat geheel nieuw voor me is, is dat ik het stuk schrijf voor een groep mollen… Het is te zeggen, voor acteurs die als mol verkleed zijn.

Mythen en parabels vormen vaak het vertrekpunt van je voorstellingen. Ze spelen een belangrijke rol in de loop van het creatieproces. Wat vind je zo inspirerend aan Plato’s allegorie van de grot?
Ik vertrek niet zozeer van een mythe dan wel van een intuïtie die een bepaalde plek me ingeeft. In La mélancolie des dragons stelde de sneeuw me in staat het fabelachtige uit te drukken. Het moeras in Swamp Club vormde een mooie metafoor voor een bedreigde plek, die in het niets kon wegzinken. De grot is dan weer een dromerige plek waar plaats is voor het fantastische en die me doet nadenken over de sombere, mysterieuze kanten van de mens, die soms zo ver gaan dat hij in een hol kruipt. Wat me zo interesseert in Plato’s allegorie van de grot, is dat ze me doet nadenken over de rol van de kunstenaar. Wat is kennis? Kunnen we vertrouwen hebben in de mensen en hun vermogen om de wereld te zien? Worden ze niet gemanipuleerd? En waarop doelt die manipulatie? Op macht of op een ontwaken van het bewustzijn? Ook op scenografisch vlak is de mythe van de grot enorm boeiend. Al snel dacht ik voor het decor aan de doorsnede van een molshoop. Zo kon ik de situatie van de Grot oproepen met het vuur, de schaduwen en de gevangenen.

De grot verwijst naar onze diepste aard: we keren terug naar waar we vandaan komen, maar dan wel om vooruit te lopen op wat komen gaat en het einde der tijden op te roepen.
Dat is waar. In literatuur en sciencefictionfilms moet je de meest futuristische uitvindingen onder de grond zoeken. Al gravend stoten we op grotten die de stille getuigen zijn van het verleden. In de ondergrond komen historisch verleden en nucleair afval met elkaar in aanraking. De menselijke cyclus heeft iets fascinerends en tegelijk verschrikkelijks. Ik beeld me graag in dat de grotten van Lascaux beschilderd werden na afloop van een groot feest. Niets wijst erop dat ze het werk zijn van een serene schilder. Misschien hing er toen al een catastrofe in de lucht en wilde hij een menselijk spoor achterlaten voor wie na hem zou komen. Misschien wilde hij zijn kennis doorgeven aan anderen, vanuit het bewustzijn van zijn tijdelijke aanwezigheid op aarde. Dat vertrekpunt zou ik graag op het publiek overbrengen. Maar daarnaast voel ik ook de drang om vorm te geven aan een soort spectaculair attractiepark, waar de toeschouwers onthaald worden op een gezellig en utopisch samenzijn van een kleine gemeenschap reuzenmollen…

Loopt er een rode draad door de voorstelling?
In Swamp Club sneed ik voor het eerst het thema aan van de rebellerende kunstenaar die het verband probeert te begrijpen tussen refugium, residentie en rebellie. Voor Welcome to Caveland! ging ik op zoek naar een meer fantastische, dierlijke beeldtaal. Vandaar de idee om de sporen van de mol te blijven volgen, het dier dat in Swamp Club als een soort gids fungeerde. Net zoals in mijn andere voorstellingen wil ik de toeschouwers in de fictie onderdompelen, maar hun tegelijk ook tonen dat ze de manier waarop dingen worden gecreëerd niet zomaar hoeven te ondergaan. Ik droom van een scène die de vorm van een fabel aanneemt, met een hele kolonie mollen, een wonderlijk bestiarium waar je gemaskerde personages ziet naast marionetten en bewegende objecten, dat alles in het decor van een kunstmatige grot.

De mol wordt vaak als een schadelijk dier gezien. Hij graaft tunnels die de grond ondermijnen…
Het woord schadelijk is erg interessant. Om te kunnen voortbestaan moet het dier nieuwe territoria veroveren en naar nieuwe werelden op zoek gaan. De mol is een kunstzinnig, kwetsbaar dier. Wat hij opgraaft creëert kleine monumentjes van opgeworpen aarde. In mijn vorige voorstellingen liet ik wezens optreden die beseften wat er op deze planeet spaak loopt. Maar omdat ze toch op zoek gingen naar een plekje voor zichzelf, probeerden ze zich artistieke utopieën eigen te maken en theatrale ‘echosystemen’ te ontwerpen.

Welcome to Caveland! kan op twee manieren bekeken worden: als een afgewerkte voorstelling of als een installatie die ruimte laat voor gastkunstenaars.
Momenteel overwegen we samen met de curatoren van de festivals entheaterzalen die het project programmeren, of het mogelijk is om Welcometo Caveland! op te vatten als een grote installatie die, voor of nade voorstelling, door andere artiesten aangevuld kan worden. Het ideeis om in het installatieluik van het project een kleine wereld van ondergrondente programmeren, met lezingen, concerten, films of performances.Al in mijn eerste werk, La démangeaison des ailes, stelde ik deplek en de vorm van mijn voorstelling open voor anderen. De thematiekvan de vlucht vertakte zich en liet veel denksporen open. Men kon zichhet onderwerp op heel verschillende manieren eigen maken, als eenfilosoof maar evengoed als een punker. Die uiteenlopende visies brachtik samen in een decor dat al enigszins als een schuiloord opgevat was.In Welcome to Caveland! drijf ik die manier van werken tot het uiterstedoor, zonder dat ik daarbij vergeet me de vraag te stellen wat een goede voorstelling is. Welcome to Caveland! is een project dat openstaat voorgastkunstenaars en voor impulsen uit de buitenwereld. Het is een waremicrokosmos.

Welke taal zal er in de grot gesproken worden? Ik beeld me in dat de bewoners een eigen taaltje ontwikkelen of misschien zelfs terugkeren naar gegrom en betekenisloze klanken…
Ik werk opnieuw met de ploeg die mijn projecten al bijna twaalf jaar trouw begeleidt, en ook met enkele nieuwe muzikanten. We zullen samen de plaats van de taal bepalen, of haar laten verdwijnen. Een vertelling kan immers perfect aan de hand van visuele elementen aangebracht worden, er zijn niet altijd woorden voor nodig. Misschien zullen er in de eerste scène slechts geluiden en gegrom te horen zijn. In Swamp Club merkte ik al dat de toeschouwers zich allerlei zaken over de mol inbeeldden en het gevoel hadden dat het dier gevaar liep, ook al zei het geen woord. Misschien hadden ze dat gevaar wel gedroomd? Of misschien had de acteur het gewoon te warm in zijn kostuum? Aangezien er geen verklaring gegeven werd, begonnen de toeschouwers hypotheses te formuleren. Ook in mijn nieuwe voorstelling wil ik, meer dan ooit, dromen verbinden met een ontwakend bewustzijn.

Interview door Marion Siéfert,
april 2015

Back to top

Na een opleiding in de beeldende kunsten te hebben gevolgd en een jaar of tien te hebben gewerkt als scenograaf voor theaters en musea, richt Philippe Quesne (1970) in 2003 Vivarium Studio op. In dat gezelschap brengt hij acteurs, beeldende kunstenaars en musici bij elkaar. Hij creëert en regisseert voorstellingen vanuit een hedendaags dramaturgisch vertrekpunt: installaties die ook werkatelier zijn, een soort van vivaria waar de menselijke microkosmos bestudeerd wordt. Daarop maakt Philippe Quesne achtereenvolgens de voorstellingen La démangeaison des ailes (2004), Des expériences (2004), D’après nature (2006), L’effet de Serge (2007), La mélancolie des dragons (2008), Big Bang (2010) en Swamp Club (2012). Met elk van die voorstellingen maakt hij een internationale tournee. Stuk voor stuk zijn het coproducties met buitenlandse partners. In 2011 creëert Philippe Quesne Pièce pour la technique du Schauspiel de Hanovre voor de permanente technische ploeg van dat theater. In 2012 is hij te gast in het Pavillon van het Palais de Tokyo in Parijs, waar hij samen met de tien kunstenaars en curatoren in residentie aan een theaterproject werkt. Datzelfde jaar levert hij een bijdrage voor een collectieve productie in HAU Hebbel am Ufer in Berlijn en inspireert zich daarvoor op de roman Infinite Jest van David Foster Wallace. In het kader van dat project creëert Philippe Quesne ook een installatie voor het Berlijnse Institut für Mikrobiologie und Hygiene. Philippe Quesne maakt ook performances en interventies in de openbare ruimte of in de natuur en staat met zijn installaties op verschillende tentoonstellingen. Hij is de auteur van vier boekjes: Actions en milieu naturel (2005), Petites réflexions sur la présence de la nature en milieu urbain (2006), Thinking about the end of the world in costumes by the sea (2009) en Bivouac (2011). Hij wordt ook regelmatig gevraagd als gastprogrammator, zoals bijvoorbeeld op het festival TJCC in het Théâtre de Gennevilliers (2012-2014). In 2013 creëert Philippe Quesne met vier Japanse actrices Anamorphosis in het Komaba Agora Theater van Tokyo. Met Swamp Club viert hij in 2012 het tienjarig bestaan van Vivarium Studio. In 2014 komt Next Day tot stand, een toneelstuk voor kinderen van acht tot tien jaar. Die opdracht voor het festival Theater der Welt in Mannheim kwam tot stand in samenwerking met productiehuis CAMPO. Sinds januari 2014 is Philippe Quesne codirecteur van Théâtre Nanterre-Amandiers, waar hij voorstellingen maakt met Bruno Latour en het Theatre des négociations van het SPEAP. In januari 2016 creëerde hij Caspar Western Friedrich in de Münchner Kammerspiele en in mei brengt hij Welcome to Caveland! op het Kunstenfestivaldesarts.

Back to top