Intérieur

Théâtre Varia

20, 21, 22, 23/05 – 20:30
24/05 – 15:00 + 20:30
JAP > NL / FR
1h 30min

Het is avond. Door de verlichte ramen van een huis kijkt een man binnen bij een gezin: vader, moeder, twee dochters en een slapende peuter. Ze lijken gelukkig, maar weten niet dat het noodlot heeft toegeslagen. De man is daar om aan te kondigen dat hun oudste dochter verdronken is. Hij aarzelt, maar de rouwstoet nadert onverbiddelijk … In het tijdloze treurspel Intérieur (1894) doet de Belgische symbolistische schrijver Maurice Maeterlinck het leven met de dood versmelten. Claude Régy regisseerde deze ‘zee van duisternis’ al eens in 1985. In 2013, op zijn 90ste, trok deze unieke figuur van het Franse theater naar Shizuoka om het stuk opnieuw op te voeren met een Japans gezelschap. De ontmoeting van Régy’s theater – minimalistisch, formeel, bijna sacraal – met de Japanse cultuur leek haast vanzelfsprekend. Ze mondde uit in een aangrijpend, compromisloos stuk waarin bewegingen, belichting en taal tot hun meest essentiële vorm worden herleid. Intérieur is een voorstelling van een surreële traagheid en een sublieme schoonheid. Een meesterwerk.

Een bewerking van
Intérieur (1894) door Maurice Maeterlinck

Bewerking & regie
Claude Régy

Met
Soichiro Yoshiue, Yoji Izumi, Asuka Fuse, Miki Takii, Tsuyoshi Kijima, Haruyo Suzuki, Kaori Ibii, Mana Yumii, Gentaro Shimofusa, Hiroko Matsuda, Kouichi Ohtaka, Hibiki Sekine

Vertaling
Yoshiji Yokoyama

Assistentie
Alexandre Barry

Scenografie
Sallahdyn Khatir

Lichtontwerp
Rémi Godfroy

Kostuumontwerp
Sallahdyn Khatir, Mai Ooka

Assistent/vertaling voor de artistieke ploeg
Hiromi Asai

Technische leiding
Sallahdyn Khatir

Lichttechnicus
Pierre Gaillardot

Productie & administratie
Bertrand Krill

Presentatie
Kunstenfestivaldesarts, Théâtre Varia

Productie
Les Ateliers Contemporains (Parijs), Shizuoka Performing Arts Center

Coproductie Europese tournee
Kunstenfestivaldesarts, Wiener Festwochen, Festival d’Automne à Paris

Met de steun van
Institut français – programma “Théâtre Export”, Japan Foundation

Met de vrijgevige steun van
Van Cleef & Arpels

Back to top

Intérieur

Het is avond en door de ramen zien we een gezin. Alles lijkt rustig. Maar moeten we niet verder gaan dan de ramen die deze levende wezens omringen? Moeten we niet zichtbaar maken wat verborgen is in de “zee van duisternis” die Maeterlinck beschrijft, een zee met geheime holtes die onbereikbaar lijken, omdat ze noch in het bewuste noch in het onbewuste leven thuishoren? Uit een zwarte holte straalt licht. En durft te spreken over wat wij uit alle macht bedekt houden: de dood. De dood van een kind uit dat gezin. Het gezin dat zo kalm oogt in de schijn van het geluk. Een stoet, een lijkwagen waarop een jonge overledene wordt vervoerd, is onderweg en nadert onherroepelijk het huis. Maar is de rust van het gezin in het huis al niet verstoord, zonder dat men zich daar bewust van is, door het voorgevoel dat de dood van een van hen heeft plaatsgevonden, daar, vlakbij, diezelfde nacht? De jonge overledene heeft haar dood misschien gewild. Ze heeft gekozen om door het water te sterven, te verdrinken. In het huis slaapt een klein kind. Het zal niet wakker worden wanneer de lijkstoet aankomt, zo sterk is de analogie tussen de slaap en de dood. De stoet die voortschrijdt, is de weg die de dood in ons aflegt.

Maeterlinck verbindt een woord dat ons nabij is met een ver beeld dat volkomen stil blijft. Zo wordt de co-existentie van leven en dood heel tastbaar. De twee krachten gaan tegen elkaar in, en door tegen elkaar in te gaan vormen ze een soort bondgenootschap, een nieuwe kracht. Intérieur geeft leven aan de essentiële co-existentie van leven en dood, zonder ruimte te laten voor blinde angst. Misschien is dit Maeterlincks grootste troef: hij leidt ons binnen in een wereld waar onze waarneming het verstandelijke overstijgt.

Claude Régy, maart 2013

Back to top

Maurice Maeterlinck wordt op 29 augustus 1862 geboren in Gent (België). Als Franstalige auteur ontvangt hij in 1911 de Nobelprijs voor de Literatuur. Stilistisch gezien evolueert hij van het Franse realisme naar het Duitse idealisme. Maeterlinck publiceert allegorische poëzie (Serres Chaudes, 1889) alsook tientallen toneelstukken en een aantal vulgariserende essays over biologie. Op het einde van de 19de eeuw draagt Maeterlincks dramaturgische werk, samen met dat van Ibsen, Strindberg en Tsjechov, bij tot een nieuwe theatrale visie. Hij creëert een ‘theater van de ziel’ dat sterk op het symbolisme is geïnspireerd. Tot zekere hoogte danken we aan hem concepten als ‘statisch drama’, ‘subliem personage’ en ‘tragiek van het dagelijks leven’. Maeterlincks laatste theaterteksten oogsten een waar internationaal succes (L’oiseau bleu, gecreëerd in 1908 in het Moskouse Kunsttheater door Konstantin Stanislavski, gevolgd door voorstellingen over heel de wereld en vandaag nog steeds actueel). Zijn oeuvre is een inspiratiebron voor vele muzikale meesterwerken uit de 20ste eeuw (Fauré, Debussy, Dukas, Rachmaninov, etc.), waaronder een twintigtal opera’s. Claude Régy is een kenner van het oeuvre van Maurice Maeterlinck. Hij verzorgde eerder al de regie van Intérieur en La Mort de Tintagiles, producties die door theatercritici zeer gewaardeerd werden (creaties respectievelijk op 1 oktober 1985 en 3 februari 1997, in het Théâtre Gérard Philipe in Saint-Denis te Parijs).

Claude Régy wordt in 1923 geboren. Zijn eerste ervaring als toneelregisseur dateert uit 1952. In de jaren zestig en zeventig werkt hij voornamelijk rond teksten van hedendaagse auteurs: Marguerite Duras, Nathalie Sarraute en Edward Bond. Vervolgens introduceert hij in Frankrijk internationale namen als Peter Handke, Botho Strauss, Gregory Motton, Jon Fosse, David Harrower en Tarjei Vesaas, evenals de dichters Wallace Stevens, Charles Reznikoff, Henri Meschonnic en Sarah Kane. In 1991 ontvangt hij de Grand Prix National du Théâtre en in 1994 volgt de Prix des Arts de la Scène de la Ville de Paris. Claude Régy werkt met een aantal grote Franse acteurs. Daarnaast geeft hij les in theaterscholen, waar hij jong talent ontdekt. Over zijn werk heeft hij zes boeken gepubliceerd: Espaces perdus (1991), L’Ordre des morts (1999), L’État d’incertitude (2001), Au-delà des larmes (2005) en La Brûlure du monde (2011) bij de uitgeverij Les Solitaires Intempestifs, alsook Dans le désordre (2011) bij Actes Sud. Claude Régy realiseert de film Nathalie Sarraute – conversations avec Claude Régy (1989). Tot zijn laatste creaties behoren: Homme sans but (Arne Lygre, 2007 – Théâtre de l’Odéon), Ode Maritime (Fernando Pessoa, 2009 – Festival van Avignon, Théâtre de la Ville te Parijs, tournee in Japan en Portugal), Brume de dieu (fragment uit Tarjei Vesaas’ roman De vogels, 2010 – Rennes, Parijs, tournee in Frankrijk en België tot in 2012), La Barque le soir (van Tarjei Vesaas, 2012 – Théâtre de l’Odéon, tournee in Frankrijk en herneming in 2013-14). In juni 2013 creëert hij een Japanse versie van Intérieur van Maurice Maeterlinck, in samenwerking met acteurs van het Shizuoka Performing Arts Center. De voorstelling wordt in 2014 hernomen in Wenen, Brussel, Avignon en Parijs. Het werk van Claude Régy is een reflectie op het spel van de acteur, de essentie van het theater en de tekst als dramatisch basiselement. Het is een zoektocht naar de verhouding tussen schaduw en licht, tussen woord en stilte. Vanuit de energie van de leegte komen de dingen in al hun scherpte tot hun recht.

Back to top