in their name

KVS BOX

18, 19/05 – 20:30
20, 21/05 – 19:00 & 22:00
EN > FR / NL
1h 30min

Balancerend tussen voorstellingen, installaties en lecture-performances, doet choreograaf Philipp Gehmacher al meer dan 10 jaar rigoureus onderzoek naar het lichaam. Daarvoor werkte hij onder meer samen met choreografe Meg Stuart en Vladimir Miller. Met in their name zet hij, voor het eerst sinds 2007, weer exclusief zijn specifieke bewegingstaal op scène. Met natuurlijk en industrieel materiaal creëert hij een desolaat landschap, sporen van een stilgelegde werf. De toeschouwers zitten op een tribune midden op het speelvlak. De open plek komt langzaam tot leven. De lichamen van de performers nemen de ruimte in, aan zichzelf overgeleverd, kwetsbaar en vervreemd, doordrongen van een behoefte aan communicatie, met elkaar, met het publiek, met de wereld. Ook de teksten, mythes in miniatuur, zijn kleine verhaaltjes waarin het anekdotische een universele dimensie krijgt. Objecten, licht, geluid, gebaren, taal en kostuums interageren vrij met elkaar. In dit associatieve universum ontstaat zo een voorstelling die zich aan de toeschouwer als een mysterie ontvouwt. Een romantische dooltocht.

Concept & choreografie

Philipp Gehmacher

Dans & tekst

Rémy Héritier, An Kaler, Philipp Gehmacher

Installatie

Vladimir Miller

Assistent installatie

Stephanie Rauch


Licht

Jan Maertens

Geluid

Andreas Hamza


Kostuums

Stéphanie Zani

Technische leiding

Karin Haas

Productie

Stephanie Leonhardt


Assistent productie

Johanetta Warsberg


Assistentie

Reinhard Strobl


Presentatie
Kunstenfestivaldesarts, KVS

Productie
Mumbling Fish (Wenen)

Coproductie
Kunstenfestivaldesarts, steirischer herbst festival (Graz), PACT Zollverein (Essen), alkantara festival (Lissabon)

Met de steun van
Kulturabteilung der Stadt Wien, bm:ukk, Österreichisches Kulturforum

Project gecoproduceerd door 

NXTSTP, met de steun van het Cultuurprogramma van de Europese Unie

Back to top

Langs elkaar heen. De choreografie van Philipp Gehmacher

Pathos, melancholie en esthetische striktheid: de choreografieën van de Oostenrijker Philipp Gehmacher beschrijven het lichaam als het pijnlijke niets dat in de dans van zichzelf afscheid neemt.
Krassimira Kruschkova over nooit aankomende gebaren.

De aandacht die Philipp Gehmachers choreografie opeist, laat de toeschouwer volledig oog en oor worden – als getuige van een singuliere, in een nieuwe scenische taal stotterende dans. Een dans in the absence, zoals de titel van Gehmachers solo uit 1999, een van de eerste werken van de Salzburger die na een studie van 10 jaar in Londen in 2003 naar Wenen terugkeerde en nu een van de opvallendste figuren van de hedendaagse danswereld is. in the absence – alsof het dansende lichaam hier van zichzelf afscheid zou nemen. Nauwelijks na het zetten van de eerste stap valt hij, hij valt op de grond en steeds opnieuw uit het kader van de vertrouwde choreografische scene, uit het vierhoekig afgebakende podium, doelgericht verward, onverschrokken afwezig. Een vreemde in het eigen lichaam, een uitgestrekte arm als bewegingsloze foto van zichzelf. Stills, die de choreografische beweging steeds verderzetten. Wat overblijft is de performatieve rest van de afwezigheid, de dansende geste van het nooit aankomende. De ruilhandel van de representatie wordt in Gehmachers choreografie door onbestelbare handelingen gebroken, handelingen die zich zo geven dat ze elke feitelijkheid onmiddellijk terugnemen. Handelingen die tegelijk te groot en te klein zijn, die de rest van wat niet uit te drukken valt uitdrukken. Die zich enkel onderdrukt of ingehouden tot elkaar verhouden, als er al sprake is van een verhouding. De geste van pathos en melancholie behandelt hier in grootste esthetische striktheid en als artistiek onderzoek het onmeetbare van de ander. Nothing compares 2 you noemt Gehmacher zijn solo uit 2002 – alsof het dansende lichaam langs een stil begeren naar de andere steeds opnieuw slechts zijn eigen leegte zou over- en vasthouden.

Maar hoeveel is good enough (2001, 2004 met Raimund Hoghe)? Voor ons? Voor de hedendaagse dans? Gechoreografeerde handen en armen verwijderen zich in Gehmachers werk, ze worden zo gehouden dat ze vreemd overkomen, alsof ze verbrand zijn. Bewegingen tussen pathos, stilering en zelfvergetenheid. Pathos van het schreeuwende minimalisme. Stilering die zelfironisch naar Gertrude Steins a rose is a rose is a rose verwijst, zoals Mountains are Mountains (2003): een in scene gezette tautologie, die ontroerende, elkaar aanrakende gemoedsresten evoceert, pas mogelijk gemaakt door koppige herhaling en besliste onbeslistheid. De melancholische zelfvergetelheid van deze bewegingen, die de uitzonderingstoestand van de dans bezweren, existentieel en uitputtend – like there’s no tomorrow (2007). Zo kleine gesten dat ze hun afwezigheid aanraken, alsof ze nog helemaal niet daar zijn, als ware de choreografie de incubator van een helemaal andere beweging, een ander bewogen zijn. Dit plotselinge opspringen van de dansers in incubator (2004), die na de lange stills plots hun diagonalen trekken, de anderen – in alle afstand en in hun aan elkaar blootgesteld zijn – met kleinste, verste handelingen overvallen. Blootgesteld zijn, dat men in Gehmachers choreografieën een basishouding zou kunnen noemen. Want zijn gechoreografeerde en choreografisch kleine, minoritaire, de taal tot stotteren brengende gebaren zijn tegelijk zo groot dat ze zich tot de aporieën van de liefde en de eeuwigheid schijnen te richten. May be forever (2007) noemen Meg Stuart en Philipp Gehmacher hun gemeenschappelijk, onpeilbaar romantisch werk, dat ze in 2010 met the fault lines voortzetten door verdere confuse verwerpingslijnen, lijnen van verwerping, van gemeten, vermeden, vermiste en gemiste lineaire aanraking van de ander te trekken. the fault lines is ook een samenwerking met videokunstenaar Vladimir Miller, die de ontwikkeling van het werk van Gehmacher naar choreografische video-installaties artistiek begeleidt, zoals dead reckoning en at arm’s length (2010).

In dead reckoning projecteren vier in een vierkant geplaatse beamers beelden op twee elkaar kruisende schermen. De titel verwijst naar een navigatiemethode waarbij bewegingsrichting, snelheid en tijd gemeten worden. Opmeten, meten, vermoeden, veronderstellen, 36 minuten lang. De opnames gebeuren vooraf simultaan door vier om de dansers heen geplaatste camera’s. De projecties fragmenteren veelvuldig de simultaan opgenomen beelden door ze zogezegd te reconstrueren. Het overzicht wordt steeds opnieuw verdeeld en verhinderd. De projectieschermen staan vrij in de ruimte. Elke toeschouwer kan deze gekruiste (re)constructie zowel letterlijk als figuurlijk passeren. Handen, armen, hele figuren worden door de apparatuur verdubbeld. Verminkte, versneden dubbels die elkaar als per vergissing langs de twee, vier, acht schermsegmenten eerder verdelen als verdubbelen, elkaar kruisen, in de weg en in het zicht staan. De lichamen zijn in de ruimte blijven steken, maar in welke? Wat zit er in deze ruimte, wat strekt zich tijdelijk zo oneindig? Een loop van 36 minuten. Wat verlengt de arm die over de projectierand in het volgende beeld reikt? Choreografie en video-installatie, lichaam en beeld ontwikkelen zich langs en met elkaar. In de montage gebeurt het, in het grondeloze, afgrondige onderduiken van de figuren, in de kijkspleet tussen de projectievlakken waarin onze toeschouwersblik duikt.

“Wat betekent deze grens tussen mij en de andere als plaats waar ik me voortdurend bevind?”, vraagt de choreograaf zich af, ook met betrekking tot zijn volgend stuk in their name, dat dit jaar [2010, nvdr.] tijdens het steirischer herbst festival in Graz in première gaat. Opnieuw staat het thema van de ander en de aanraking centraal, ook al doet Gehmacher het deze keer zonder video-installaties maar live samen met Rémy Héritier en An Kaler: “De research in de studio tracht de grens met het ongewisse aan te raken, het is een poging om uitdrukking en aanwezigheid van nieuwe belichamingen in het eigene te verankeren.” Wat de figuren in Gehmacher’s choreografie schijnt te scheiden, verbindt ze – als ze überhaupt door iets verbonden kunnen worden. Lichaam en verhalen. Afgelegde lichaamsverhalen die toch ook niet ergens anders zijn, die aan de rand van het spiegelbeeld zijn, zonder het glas te breken. Lichamen die de grens tussen elkaar beroeren, zonder ze te overschrijden, die deze grens zijn. Uitgeleverde lichamen, de aanraking uitgeleverd, in alle onmeetbaarheid, onberekenbaarheid, kwetsbaarheid. Als waren ze fantoompijn, een pijnlijk niets, helemaal aan de andere uitgeleverd. In at arm’s length strekken de danseressen en dansers hun armen naar elkaar, tastend, testend, samenwerkend met de vlakke ruimte van hun en onze complexiteit, langs de altijd al geprojecteerde wereld heen. Pas zo – in een cinemascope-achtige installatie waarlangs zich ook de toeschouwer beweegt – zetten ze hun beweging verder: langs elkaar heen, met, over en door elkaar. En zo werken ook Philipp Gehmachers choreografieën: in parataxische afleveringen, ieder stuk raakt de afstand tot het volgende, at arm’s length en in fault lines, existentieel, pathetisch, incompatibel, like there’s no tomorrow en tegelijk may be forever. Zich de niet gegevene lichamen en bewegingen gevend, gewijd, ze oproepend, in their name. In een aanraking als toewending en afstand tot de andere, die, volgens Gehmacher, “niets mag vasthouden”.

Eerder verschenen in herbst. Theorie zur Praxis. Das Magazin zum steirischen herbst 2010
Vertaling: Joris Vermeir

Back to top

Philipp Gehmacher(°1975) groeide op in Salzburg en Wenen. Na tien jaar in Londen geleefd te hebben, keerde hij in 2003 terug naar Wenen. De choreografieën in the absence, Holes and Bodies, embroyder, good enough, mountains are mountains, incubator, das überkreuzen beyder hände en like there’s no tomorrow werden sinds 1999 door Philipp Gehmacher geïnitieerd, in samenwerking met onder andere de performers David Subal, Clara Cornil, Remy Héritier, de componist Pedro Gomez-Egaña en de pianist Alexander Lonquich, en de theoretici Peter Stamer en Myriam Van Imschoot. In 2007 begon Philipp Gehmacher een samenwerking met Meg Stuart. Het resultaat was de voorstelling MAYBE FOREVER, die in 2010 met Vladimir Miller werd voortgezet als de performance-installatie the fault lines. In 2008 was Philipp Gehmacher curator van de serie STILL MOVING, waarbinnen hij het lezing-performance-format walk+talk introduceerde. In 2009 en 2010 creëerden Philipp Gehmacher en Vladimir Miller de video-installaties dead reckoning en at arm’s length.

Back to top