Eislermaterial

Scenisch concert / Concert scénique / Staged concert

Théâtre National

5, 6 Mei/Mai/May 20:15
7 Mei/Mai/May 15:00
Duur/Durée/Duration: 1:05
Belgische première/Première belge/Belgian première

Als weinig andere kunstenaars van de twintigste eeuw is Hanns Eisler (1898 - 1962) begaan geweest met de relatie tussen muziek en politiek. "Ik heb me met politiek beziggehouden omdat politiek zich met mij heeft beziggehouden". Van de Eerste Wereldoorlog tot de Koude Oorlog heeft de Duitse geschiedenis diepe sporen getrokken in zijn leven en werk. Van grote betekenis is zijn ontmoeting met Bertolt Brecht, wiens gedichten hij op muziek zette. De Duitse componist Heiner Goebbels, die veel met Heiner Müller samenwerkte, kan beschouwd worden als een erfgenaam van Eisler. Zijn scenisch concert Eislermaterial is in elk geval een subtiele hommage van een zoon aan zijn vader.

Muziek en regie/Musique et mise en scène/Music and direction: Heiner Goebbels

Scenografie en licht/Scénographie et lumières/Scenography and lighting: Jean Kalman
Acteur/Actor: Josef Bierbichler
Orkest/Orchestre/Orchestra:
Ensemble Modern
Dietmar Wiesner: Blokfluit/Flûte/Flute
Catherine Milliken: Hobo/Hautbois/Oboe
Roland Diry: Klarinet/Clarinette/Clarinet
Wolfgang Styri: Bas klarinet, Saxofoon/Clarinette Basse, saxophone/ Bas Clarinet, Saxophone
Veit Scholz: Fagot/Basson/Bassoon
Franck Ollu: Hoorn, Tuba, Trompet/Cor, Tuba, Trompette/Horn, Tuba, Trumpet
William Forman: Trompet, Hoorn/Trompette, Cornet/ Trumpet, Horn
Uwe Dierksen: Trombone, Eufonium, Helicon/Trombone, Euphonium, Hélicon/Trombone, Euphonium, Helicon
Rainer Römer: Percussie/Percussion
Hermann Kretzschmar: Piano, Harmonium
Ueli Wiget: Piano, Sampler
Jagdish Mistry: Viool/Violon/Violin
Susan Knight : Altviool/Alto/Viola
Michael M. Kasper: Cello/Violoncelle
Thomas Fichtner: Contrabas, basgitaar/Contrebasse, guitare bass/Double-bass, bass guitar

Repetitor/Répétiteur/Rehearsal director: Peter Rundel
Geluidsregie/Régisseur son/Sound director: Norbert Ommer
Regieassistent/Assistant à la mise en scène/Assistant to the director: Stephan Buchberger
Lichtregie/Régie lumières/Light director: Barbara Hammer, Frank Kraus

Dank aan/Remerciements à/Special thanks to: Breitkopf & Härtel Music Publishers voor het ter beschikking stellen van 50 rode boeken/d'avoir mis à disposition 50 livres rouges/for their supply of 50 red books
In opdracht van/Sur commande de/Commissioned by: musica viva München
Productie/Production: musica viva München/Bayerischer Rundfunk, Hebbel-Theater Berlin, Dresdner Zentrum für zeitgenössische Musik
Sponsoring/Funding: Cultural Foundation Deutsche Bank Group
Presentatie/Présentation/Presentation: Théâtre National de la Communauté Wallonie-Bruxelles, KunstenFESTIVALdesArts

Back to top

De kunstgeschiedenis is er ook een van familiebanden: vaders, zonen, broeders. Theatermaker Bertolt Brecht vond in componist Hanns Eisler een medestrijder. Theatermaker Heiner Müller en componist Heiner Goebbels werden artisieke bloedbroeders. Heiner Müller is de erfgenaam van Brecht en Heiner Goebbels beschouwt Eisler als een van zijn belangrijkste artistieke vaders. Een vierhoek waarop de Duitse politieke geschiedenis diepe sporen getrokken heeft: van de Weimarrepubliek over het nazisme, de Koude Oorlog, de opdeling van Duitsland tot de val van de Muur.

Heiner Goebbels was in 1994 al op het festival aanwezig met de muziektheatervoorstelling Ou bien le débarquement désastreux. In Eislermaterial gaat Heiner Goebbels in dialoog met het werk van Hanns Eisler, een dialoog die tegelijk ook een hommage is aan een in het westen weinig bekend en weinig gewaardeerd componist. Het feit dat Eisler de Oostduitse nationale hymne componeerde, maakte van hem bij voorbaat een ideologisch kunstenaar. Het is precies die verwevenheid van muziek en politiek bij Eisler die Goebbels ernstig neemt: "Met Eisler had ik voor het eerste het gevoel: hier is iemand die mijn twee belangrijkste preoccupaties, muziekcompositie en het politieke vraagstuk, deelt. Daarom was ik in Frankfurt sociologie gaan studeren. Ik kon nu die twee centra van interesse eindelijk met elkaar in verband brengen." Goebbels studeerde af op Eisler en formuleerde in zijn studie de theoretische basis voor zijn ensemble Sogenannt Linksradikalen Blasorchester. Zijn eerste plaatopname bevat improvisaties op de Lieder van Eisler.

Hanns Eisler (1898-1962) studeerde in Wenen bij componist Arnold Schönberg en was, samen met Alban Berg en Anton Webern, een van zijn meest getalenteerde leerlingen. Terwijl Berg en Webern de inzichten van Schönberg verder zullen ontwikkelen in de zogenaamde Tweede Weense School, verwerpt Eisler in de jaren twintig de dodecafonie en de seriële muziek (al blijft hij er met zijn eigen muziek wel schatplichtig aan). Voor hem zijn het uitdrukkingen van een apolitieke en reactionaire bourgeois-esthetiek in een tijd vol sociale en politieke onlusten die van de kunstenaar een duidelijk engagement vraagt: "De muziek heeft zich geïsoleerd en luistert niet meer naar de contradicties van zijn tijd." Eisler pleit voor een muziek wars van sentimentaliteit, pathos en lyriek, ten dienste van het communistische ideaal. Vol weerzin ziet hij hoe het kapitalisme zich in de Weimarrepubliek op het bloed van neergeslagen arbeidersopstanden construeert. Zijn ontmoeting in 1929, het jaar van de New-Yorkse beurscrash, met Bertolt Brecht is van een beslissende betekenis voor hem. Hij zet gedichten van Brecht op muziek en componeert muziek voor o.a. De Moeder en Galileo.

Na de machtsovername van Hitler gaat de jood en communist Eisler naar Amerika, waar hij terechtkomt in een kolonie van Duitse artiesten die het nazisme ontvluchtten (Schönberg, Thomas Mann, Fritz Lang, Brecht, Greta Garbo,...). Omwille van zijn communistische sympathieën komt hij op de zwarte lijst terecht en moet hij in 1948 Amerika verlaten. Eisler vestigt zich in Oost-Duitsland, ook al heeft zijn geloof in het communisme een ernstige slag gekregen door het niet-aanvalspact tussen Hitler en Stalin in 1939, wat doorklinkt in de somberte van een aantal liederen uit de cyclus Deutsche Symphonie op. 50, één van zijn belangrijkste composities. Eisler is de 'grand old man' van de muziek in de DDR. Ondanks conflicten blijft hij trouw aan het communistische ideaal.

Heiner Goebbels ziet in Eisler een complexere persoonlijkheid dan meestal het geval is: "Eisler was een optimistisch strijder, maar gevoelens van wanhoop en lijden waren hem niet vreemd. Hij kende pathos en afschuw. Hij was een van de scherpste polemisten van zijn tijd omdat hij zijn contradicties onder ogen durfde zien en tegen elkaar sloeg tot de creatieve gensters ervan af vlogen. Hij is een groot dialecticus. We kunnen veel van zijn leven en zijn werk leren. Als ik hem vandaag zou ontmoeten zou ik eerst en vooral zwijgen om naar hem te luisteren." Eisler is aanwezig in het 'scenisch concert' van Goebbels, niet alleen in de muziek, maar ook in de vorm van een klein, breekbaar standbeeldje op een stapeltje rode boeken, in het centrum van de scène waarrond de muzikanten van het Ensemble Moderne hebben plaatsgenomen. Tussen hen zit acteur Josef Bierbichler die de Lieder zingt, op één enkel na allemaal op tekst van Bertolt Brecht: "Hij heeft een zeer mooie zangstem, zacht en gevoelig voor de eenvoud, de melancholie en het pretentieloze van deze Lieder", zegt Heiner Goebbels. Eislermaterial heeft de ontroering van een hommage van een zoon aan zijn vader.

Back to top