De man zonder eigenschappen: Trilogie

Théâtre National

26/05
part I: 14:00-17:00 (with intermission)
part II: 19:00-20:45
part III: 22:00-23:30
NL > FR

Zijn Proust-cyclus is ondertussen legendarisch in de geschiedenis van het festival. Met een adaptatie van een ander literair monument, De man zonder eigenschappen van Musil, nodigt Guy Cassiers het publiek opnieuw uit op een verbluffende theatermarathon. De auteur werkte er decennia aan, maar maakte hem niet af waardoor de roman van bijna 2.000 pagina’s de status van onvoltooide symfonie kreeg. Hij geeft een satirische kijk op het Oostenrijks-Hongaarse rijk aan de vooravond van WO I, een tijdperk van politieke en sociale ontwikkelingen die doen denken aan het hedendaagse Europa. De gestileerde esthetiek van Cassiers onthult met een tragische precisie de aanstellerij en ijdelheid van de Weense maatschappij aan het begin van de twintigste eeuw. Het gebruik van technologie wordt zo in zijn totaaltheater een manier om door te dringen tot de menselijke ziel. Gestart in 2010, sluit hij zijn caleidoscopisch fresco af met de creatie van De misdaad. Naast dit laatste deel, krijgt u voor het eerst de kans om de trilogie integraal te zien. Musil, de marathon!

“Je ziet zelden theater zoals de trilogie ‘De man zonder eigenschappen.’”
Wouter Hillaert, De Standaard

« Un très beau spectacle, très actuel. Ne sommes-nous pas à nouveau au bord du volcan ? »
Guy Duplat, La Libre Belgique

De parallelactie. De man zonder eigenschappen I

Regie
Guy Cassiers

Tekst
Robert Musil

Bewerking
Filip Vanluchene, Guy Cassiers, Erwin Jans

Dramaturgie
Erwin Jans

Spel
Dirk Buyse, Katelijne Damen, Gilda De Bal, Vic De Wachter, Tom Dewispelaere, Johan Van Assche, Liesa Van der Aa, Wim van der Grijn, Marc Van Eeghem, Dries Vanhegen

Muziekbewerking & live piano
Johan Bossers

Vormgeving

Guy Cassiers, Enrico Bagnoli

Lichtontwerp
Enrico Bagnoli

Geluidsontwerp
Diederik De Cock

Kostuumontwerp
Belgat (Valentine Kempynck met Johanna Trudzinski)

Beeldmontage
Frederik Jassogne

Presentatie

Kunstenfestivaldesarts, Théâtre National de la Communauté française

Productie
Toneelhuis (Antwerpen)

Coproductie
De Tijd (Antwerpen), CDN Orleans, Maison de la Culture d’Amiens, Centro Dramático Nacional (Gobierno de Espana) (Madrid), Holland Festival (Amsterdam)

Met dank aan
Norbertijnerabdij Tongerlo, Koninklijk Museum voor Schone Kunsten Antwerpen

Beeldbronnen
James Ensor, De intrede van Christus in Brussel, © Sabam Belgium 2010, Leonardo Da Vinci, Het laatste avondmaal © Hal9000 Srl Novara, Italy - www.haltadefinizione.com - per concessione del Ministero beni Culturali - Soprintendenza per i beni architettonici di Milano

Het script is gebaseerd op
de Nederlandse vertaling van Ingeborg Lesener © 1988/1989/1996 Ingeborg Lesener & uitgeverij J.M. Meulenhoff Bv (Amsterdam)


Het mystieke huwelijk. De man zonder eigenschappen II

Regie

Guy Cassiers

Tekst
Robert Musil

Dramaturgie
Erwin Jans

Spel
Katelijne Damen, Gilda De Bal, Vic De Wachter, Tom Dewispelaere, Liesa Van der Aa, Marc Van Eeghem, Koen De Sutter (gastrol op video)

Vormgeving
Guy Cassiers, Enrico Bagnoli

Lichtontwerp
Enrico Bagnoli

Geluidsontwerp
Diederik De Cock

Beeldmontage
Frederik Jassogne

Kostuumontwerp
Belgat (Valentine Kempynck)

Presentation
Kunstenfestivaldesarts, Théâtre National de la Communauté française

Productie
Toneelhuis (Antwerpen)

Coproductie
Holland Festival (Amsterdam), Les Théâtres de la Ville de Luxembourg, Maison de la Culture d’Amiens, CDN Orléans, deSingel (Antwerpen)

Het script is gebaseerd op
de Nederlandse vertaling van Ingeborg Lesener © 1988/1989/1996 Ingeborg Lesener & uitgeverij J.M. Meulenhoff Bv (Amsterdam)

Beeldbronnen
James Ensor, De intrede van Christus in Brussel © Sabam Belgium 2010

De misdaad. De man zonder eigenschappen III

Regie
Guy Cassiers

Tekst
Robert Musil

Tekstbewerking
Yves Petry

Dramaturgie
Erwin Jans

Spel
Johan Leysen, Liesa Van Der Aa

Vormgeving
Guy Cassiers, Enrico Bagnoli

Lichtontwerp
Enrico Bagnoli

Geluidsontwerp
Diederik De Cock

Beeldmontage
Frederik Jassogne

Kostuumontwerp
Belgat (Valentine Kempynck)

Presentation
Kunstenfestivaldesarts, Théâtre National de la Communauté française

Productie
Toneelhuis (Antwerpen)

Coproductie
Holland Festival (Amsterdam), Les Théâtres De La Ville De Luxembourg, Maison De La Culture D’amiens, CDN Orléans, deSingel (Antwerpen)

Het script is gebaseerd op

de Nederlandse vertaling van Ingeborg Lesener © 1988/1989/1996 Ingeborg Lesener & uitgeverij J.M. Meulenhoff Bv (Amsterdam)

Back to top

De man zonder eigenschappen

Robert Musil stierf op 15 april 1942 te Genève. Twee dagen later werd hij gecremeerd in de aanwezigheid van acht personen. Musil ging ervan uit dat hij tachtig zou worden en dat hij voldoende tijd zou hebben om zijn roman De man zonder eigenschappen af te maken. Tegelijkertijd zat de twijfel bij hem heel diep. Twijfel of het hem wel zou lukken. Maar ook twijfel of het allemaal nog zin had. Waarom in 1942, op het hoogtepunt van de nazimachtsgreep over Europa, nog werken aan een panorama van de oude wereld van de Oostenrijks-Hongaarse dubbelmonarchie in 1913, net voor het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog? Musil vreesde dat zijn werk geen actualiteitswaarde meer had, dat de wereld intussen te diepgaand was veranderd. Toch was hij er ook van overtuigd dat hij aan een cruciaal boek aan het schrijven was. De geschiedenis heeft hem uiteindelijk gelijk gegeven. Zijn roman, die het statuut heeft van een onvoltooide symfonie, wordt nu algemeen beschouwd als een van de belangrijkste Europese romans van de twintigste eeuw.

Musil werd geboren in 1880. Tijdens zijn leven zag hij de bloei én de ondergang van het grote Oostenrijks-Hongaarse Rijk van op de eerste rij. Het zou de inspiratiebron worden voor zijn hele schrijverschap. In de jaren twintig en dertig van de vorige eeuw was Musil getuige van de opkomst van Hitler en van het nazisme. Ook die ervaringen lieten diepe sporen na in zijn schriftuur, al bleef hij in zijn werk een verdwenen wereld oproepen.

De man zonder eigenschappen is een kleurrijk en satirisch panorama van een maatschappij die danst op een vulkaan, maar zich niet bewust is van de nakende uitbarsting. Die uitbarsting is de Eerste Wereldoorlog, de samenleving in kwestie is het grote, multinationale en multiculturele Oostenrijks-Hongaarse Rijk, dat tegelijk een koninkrijk en een keizerrijk is: K & K, vandaar de naam Kakanië die Musil er spottend aan gaf. De eenheid van het Rijk staat onder druk van de talrijke nationalismen. Die spanning zal in 1914 uiteindelijk leiden tot de Eerste Wereldoorlog, die brutaal en definitief een einde maakt aan het Oude Europa.
Enkele feitelijke gegevens maken de politieke complexiteit van het grote rijk duidelijk. In 1913 bestond de Donaumonarchie uit de tegenwoordige staten Oostenrijk, Hongarije, Tsjechië, Slowakije, delen van Italië, Polen, de Oekraïne en ex-Joegoslavië. De talen die er werden gesproken waren Duits, Hongaars, Tsjechisch, Kroatisch, Pools, Oekraiëns, Slowaaks, Italiaans, Servisch, Roemeens, Bosnisch en Sloveens. Er woonden ongeveer 51.000.000 mensen op een oppervlakte van ongeveer 680.000 km². Het rijk had twee hoofdsteden: Wenen en Budapest. Het kende vijf godsdiensten: het katholicisme, het jodendom, de islam, het protestantisme en het orthodoxe geloof. Het ging om een multinationaal en multicultureel rijk, met vele talen en subculturen, echter steeds gedomineerd door Duitssprekenden. Deze voelden zich verwant met de Duitse Natie die onder de leiding stond van Pruisen. Tussen Pruisen en Oostenrijk heerste een constante spanning.
De roman is een staalkaart van alles wat op de vooravond van de Eerste Wereldoorlog tot de ondergang van een grandioos tijdperk leidde. Musil is een ingenieur van de menselijke ziel en tegelijk een subtiele ambachtsman die het raderwerk van het politieke en sociale leven bloot legt. Het bewerken van een dergelijke grandioze roman voor het theater, dwingt uiteraard tot ingrijpende keuzes. Guy Cassiers en cie concentreerden zich op twee grote verhaallijnen: een politieke satire en een liefdesverhaal. De politieke satire is een scherpe en bijtende tijdsdiagnose, terwijl het liefdesverhaal de mogelijkheden onderzoekt om aan de druk en de dwang van de samenleving te ontkomen. Van beide verhalen is Ulrich de spilfiguur. Hij wil geen man mét eigenschappen worden, iemand in het geruststellende bezit van christelijke en maatschappelijke deugden en onbuigzame overtuigingen. Hij is de man zonder eigenschappen: de man die meer in de mogelijkheid dan in de werkelijkheid gelooft. De personages van Musil leven in een soort luchtbel. Het gevoel te leven in een overgangstijd waarin alle waarden wankel worden, is ook onze epoque niet vreemd. Met De man zonder eigenschappen zet Guy Cassiers zijn onderzoek verder naar de verhouding tussen individu, politiek en macht dat hij in zijn Triptiek van de Macht begonnen was (Mefisto forever, Wolfskers, Atropa. De wraak van de vrede).

Deel 1: De Parallelactie
De Parallelactie vertelt over de voorbereiding van de viering van het zeventigjarige Keizerschap van Franz-Josef in 1918. Een aantal vertegenwoordigers van de belangrijkste groepen uit de Oostenrijks-Hongaarse samenleving hebben zich verenigd in wat de ‘Parallelactie' wordt genoemd: een actiecomité dat ideeën en plannen verzamelt voor de viering. Tegen zijn zin wordt Ulrich door toedoen van zijn vader de secretaris van deze organisatie. Hij komt op die manier in contact met de representanten van een samenleving in ontbinding. Hier toont Musil zich van zijn scherpe, satirische zijde. Kakanië is een wereld in verval, een wereld waarin het verleden geen houvast meer biedt en waarin de toekomst nog geen nieuwe richting aanwijst. Musil voert een panorama van personages op die hij meer of minder spottend beschrijft: de patriottistische en conservatieve graaf Leinsdorf, de arrogante Duitse industrieel Paul Arnheim, de komische generaal Stumm von Bordwehr, graaf Tuzzi, bewonderaar van jonge actrices, de zweverige idealiste Diotima, de rechtse politicus Von Schattenwalt, de mislukte kunstenaar Walter, de nerveuze en onevenwichtige Clarisse... Een belangrijk gespreksonderwerp, naast de voorbereidingen, is de moordenaar en seksuele delinquent Moosbrugger. Het is een expressie van hun hang naar het morbide en het niet toelaatbare. Aan de hand van die kleurrijke stoet van personages beschrijft Musil een wereld die op zoek is naar zichzelf, maar zich verliest in een onoverzichtelijke berg van meningen, ideeën, levensbeschouwingen, filosofieën, mogelijke en onmogelijke plannen. We zien een groep mensen die zichzelf musealiseert. Hun referentie is het verleden. Zij zien de realiteit slechts door de bril van een nostalgische voorbije grootsheid. En kunnen of willen het verval niet zien. De taal is er enkel nog om te verbloemen. Ze leven in een wereld die er eigenlijk niet meer is. Ook hier is er sprake van een vorm van incest: de Parallelactie is alleen bezig met zichzelf. De persoonlijke belangen nemen uiteindelijk de overhand op de politieke doelstellingen. Langzaam nemen extremistische ideeën het over...

Deel 2: Het Mystieke Huwelijk
Naast de wereld van de politieke actie is er anderzijds de intieme wereld waarin Ulrich intense gesprekken heeft met zijn zuster Agathe. Zij hebben elkaar als kinderen nauwelijks gekend. Zij ontmoeten elkaar pas weer na de dood van hun vader. Tussen beide bloeit een mystieke liefde op, waarboven steeds de schaduw van de incest hangt. Hier krijgt de ‘mogelijkheidszin' van Ulrich het meest concreet gestalte. De satire wordt vervangen door een haast mystieke zoektocht naar een andere wereld. De toon is minder ironisch, meer melancholisch. In hun gesprekken halen broer en zus herinneringen op aan een zomer die ze als kinderen samen doorbrachten. Ulrich en Agathe groeien steeds dichter naar elkaar toe, ook al beseffen ze de onmogelijkheid van hun situatie. Broer en zus proberen zich zo ver mogelijk van de buitenwereld af te zonderen, maar die komt steeds agressiever dichterbij in de vorm van een viertal personages die we nog kennen uit het eerste deel. De conservatieve Graaf Leinsdorf blijft tegen beter weten in geloven in de oude maatschappelijke idealen en in de eenheid van het keizerrijk. De naïeve Generaal Stumm von Bordwehr ontpopt zich tot een ware intrigant. De in de liefde ontgoochelde Diotima stort zich op de studie van de seksuologie en het feminisme. En de labiele Clarisse tenslotte, dweept met de moordenaar en verkrachter Moosbrugger in wie zij een soort van verlosser ziet.

Deel 3: De Misdaad
In het sluitstuk van de cyclus De Misdaad, een tekst van de Vlaamse auteur Yves Petry, komen zowel de misdadiger Moosbrugger als de schrijver Musil aan het woord. Beide worden ze geconfronteerd met een vrouw, respectievelijk een prostituee en een vroegere geliefde, voor wiens dood ze verantwoordelijk zijn. De cyclus als een geheel kan als een trechter gelezen worden. In het eerste deel krijgen we een panoramische blik op de samenleving, in het tweede deel dringen we door tot de intimiteit van een koppel, in het derde deel ten slotte, dalen we af in de donkere krochten van het onbewuste.

"Wat Musil in zijn grote roman gedaan heeft, is in zekere zin te vergelijken met het afstand doen van de tonaliteit bij Schönberg of het loslaten van de figuratie in de schilderkunst. Hij maakte korte metten met het overgeleverde verhaal, het narratieve beginsel, en verving het door een essayerend-vertellend principe dat zelf een ‘open systeem' is waarin men niet naar een grootse finale kan toewerken, met nog meer koper en een heleboel slagwerk." (Jacques Kruithof)

Back to top

Guy Cassiers (°1960) behoort tot de top van de Europese theatermakers. Zijn eigenzinnige theatertaal waarin visuele technologie een geslaagd huwelijk aangaat met passie voor literatuur, wordt in binnenen buitenland erg gewaardeerd. De voorbije jaren concentreerde Guy Cassiers zich in zijn Triptiek van de macht (Mefisto for ever, Wolfskers en Atropa. De wraak van de vrede) op de complexe relaties tussen kunst, politiek en macht. Die thematiek werkt hij nu verder uit in een nieuw drieluik rond De man zonder eigenschappen, de grote roman van Robert Musil. Naast het visuele is ook de muziek een steeds belangrijkere rol gaan spelen in de voorstellingen van Cassiers. Dat werd duidelijk in de twee operacreaties die hij in 2009 maakte: House of the Sleeping Beauties (muziek Kris Defoort) en Adam in Ballingschap (muziek Rob Zuidam). Wellicht geen toeval dat hij op dit ogenblik Wagners Ring ensceneert in Berlijn en Milaan. Guy Cassiers' groeiende aandacht voor de Europese politieke geschiedenis blijkt eveneens uit zijn nieuwste projecten Bloed & rozen. Het lied van Jeanne en Gilles, over de macht en de manipulaties van de Kerk, en Duister hart (naar Heart of Darkness van Joseph Conrad) over het koloniale verleden. Wie daarnaast Swchwrm gaat zien, weet dat Guy Cassiers in zijn werk ook een lichtere toets durft aan te slaan.

Back to top