Ça va!

Théâtre Les Tanneurs

20.21.23/05 > 20:30
24/05 > 18:00
Durée: +/- 80’
NL> Subtitles: Fr

Wij, de architecten van het universum, wij zijn wonderdoeners…

(Maïakovski, 1918)

In 2000 nam De Onderneming tijdens het festival de trilogie van Agota Kristof onder de loep, deze editie is het de beurt aan ‘de nieuwe mens’. Hun inspirator: Vladimir Maïakovski, de grote revolutionaire dichter die zich in 1930 een kogel door het hoofd joeg.

Bronnen: 150.000.000… en Mistero Buffo, een stuk dat hij schreef 1 jaar na de oktoberrevolutie. Op scène: De Zondvloed, Maïakovski als Christus, elektriciteit als Redder en het Paradijs als cocktailbar. En dan komen de marsmannetjes… Cabaret, circus of mis? In elk geval een wereld zonder oplossingen, want problemen? Die zijn er niet!

Spel & bewerking:

Ryszard Turbiasz, Günther Lesage, Robby Cleiren, Carly Wijs

Tekst:

Vladimir Maïakovski

Licht en decor:

Stef Stessel

Techniek:

Richard Kerkhofs

Kostuums:

Karen De Wolf

Coproductie:

KunstenFESTIVALdesArts

Met de steun van:

Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap

Presentatie:

Théâtre Les Tanneurs, KunstenFESTIVALdesArts

Back to top

Wij, de architecten van het universum, wij zijn wonderdoeners…

(Maïakovski, 1918)

In 2001 nam De Onderneming tijdens het festival de trilogie van Agota Kristof onder de loep, deze editie is het de beurt aan ‘de nieuwe mens’. Hun inspirator: Vladimir Maïakovski, de grote revolutionaire dichter die zich in 1930 een kogel door het hoofd joeg. Dertien jaar na de Oktoberrevolutie, een strijd die hij met veel vuur propageerde.

Ca va ! ensceneert een wereld zonder oplossingen, want problemen? Die zijn er niet! Tenzij misschien toch…

‘De Onderneming’ – de naam zegt het al. Ze zijn met meerdere. De enen houden van repertoire, de anderen van hedendaags en van net datgene op de scène brengen wat niet voor een podium werd gemaakt: romans, gedichten,... Ze schrijven pas op het allerlaatste moment, want zwart op wit is te bindend: liever eerst alles uitproberen. Daarom laten ze hier Maïakovski zelf aan het woord: fragmenten uit Ik mijzelf.

Thema

Ik ben dichter. Dus interessant. Daar schrijf ik dus over. Ook over de schoonheid van de natuur in de Kaukasus, als ik ervan hou of als ik er door ontroerd wordt. Maar alleen als het zich laat vatten in woorden.

Geheugen

Boerliuk zei: Maiakovski heeft een geheugen als de weg naar Poltava, iedereen raakt er wel een overschoen in kwijt . Maar gezichten en jaartallen onthou ik niet.

Ik weet alleen nog dat in 1100 zeker Doriërs zich vestigden. De bijzonderheden daarvan herinner ik me niet, maar het moet een serieuze affaire zijn geweest.

Maar mij herinneren dat ik iets geschreven op 2 mei heb in pavlosk naast een fontein is van geen belang. Daarom zwem ik vrij door mijn chronologie.

3e herinnering

Noties van praktische aard. Nacht. Aan de andere kant van de muur eindeloos gefluister van papa en mama. Over een vleugel. Deed de hele nacht geen oog dicht. Een en dezelfde zin bleven maar aan me knagen. Die morgen liep ik direkt op hem af: ‘Papa, wat is kopen op afbetaling?’ De uitleg is mij enorm bevallen.

Heel bijzonder

Jaar of zeven. Vader neemt me mee op zijn inspectietochten te paard. Bergpas. Nacht. Omsloten door mist. Zelfs vader niet meer te zien. Heel smal bergpaadje.
Vader is waarschijnlijk met zijn mouw aan tak van wilde roos blijven haken.

Bij het terugzwiepen krijg ik doornentak tegen de wangen. Zachtjes jankend trek ik de stekels eruit. Plots zijn de pijn en de mist verdwenen. Onder mijn voeten verdwijnt de nevel- ik zie een sterrenhemel.

Dat is elektriciteit. De klinknagelfabriek van prins Nakasjidze. Na de elektriciteit ben ik de belangstelling voor de natuur compleet verloren. Onverklaarbare zaak.

Eerste boek

'Agafja het kalkoenhoedstertje'of misschien een kip. Had ik toen nog zo'n paar boeken in handen gekregen dan was ik met lezen gestopt. Het tweede boek gelukkig 'Don Quichot'. Dat was nogal een eens boek!

Maakte houten zwaard en harnas en sloeg iedereen en alles wat me probeerde te omsingelen.

Examen

Verhuisd. Van Bagdady naar Koetáïs. Toelatingsexamen voor gymnasium. Geslaagd. Gevraagd naar anker (op mijn mouw) – wist ik goed. Maar de priester vroeg me wat ‘oko’ betekende. Ik antwoordde ‘Drie pond’, dat is het in het Georgisch. De beminnelijke examinatoren legden me uit dat ‘oko’ ‘oog’ betekende, op z’n Oud-, op z’n Kerk-slavisch. Daarop bakte ik bijna. Daarom vatte ik meteen haat op tegen alle Oud-, alle Kerk-, alle Slavisch. Vandaar misschien mijn futurisme, mijn atheïsme en mijn internationalisme.

Arrestatie

Ik loop in de val in Groezny. Onze clandestiene drukkerij. Eet mijn notieboekje op. Met adressen en omslag en al. District Presjna. Geheime politie. District Soestchevskaja. Onderzoeksrechter Voltanovski (dacht zeker slim te zijn) liet me een dictee maken: ik word beschuldigd van het schrijven van proclamaties.
Maak er een puinhoop van: Schrijf: 'sjoosjaaldimokraaties'. Hij trapt erin. Vrij op borgtocht.

In de rookkamer

Adelsclub. Concert. Rachmaninov. Dodeneiland. Ontvluchtte de onverdraaglijke gemelodiseerde verveling. Een moment later Boerljoek idem. We keken elkaar aan en lachtten ons rot. Gingen samen wandelen.

Een memorabele avond

Gesprek. Van de Rachmnaninovse verveling kwamen we op de Academie, van die van de Academie op de hele klassieke verveling. David had de woede van de meester die zijn tijdgenoten vooruit is, ik mijnpathos van socialist, die wist dat de oude wereld op instorten stond. Het Russische Futurisme was geboren.

De volgende avond

De dag daarop scheidde ik een gedicht af. Of liever-brokken. Slechte. Nergens gedrukt. Avond. Sretenskiboulevard. Ik draag de regels voor aan Burliuk. Van een kennis van mij, voeg ik eraan toe. David stond stil. Nam me van onder tot boven op. Baste: ‘Dat hebt u zelf geschreven! Ma-maar u bent een geniaal dichter!’ Het op mij toepassen van zo'n verheven en onverdiend epitheton verheugde me. Ik dook helemaal in de verzen. Die avond was ik volkomen onverwacht dichter geworden.

Boerljoekse carpriolen

Al de volgende morgen, toen hij me aan iemand voorstelde, baste Burliuk: ’Kent u hem niet, Mijn geniale vriend. De beroemdste dichter Maiakovski.’ Ik stoot hem aan. Maar Burliuk is niet te vermurwen. En terwijl hij wegloopt gromt hij me nog na:’En nu schrijven! Anders plaatst u mij in een idiote situatie!’

Er komt wat op gang

Tentoonstellingen van Ruitenboer. Openbare discussie. Ziedende toespraken van David en mij. Kranten kwamen vol te staan met Futurisme. De toon is niet erg hoffelijk. Zo word ik bijvoorbeeld ‘hoerejong’ genoemd.

De gele bloes

Kostuums heb ik nooit gehad. Ik had twee bloezen – zagen er smerig uit. Beproefd middel:je verfraaien met een stropdas. Geen geld voor. Nam een stuk geel lint van één van mijn zussen. Bond dat om mijn nek. Sensatie. Het mooiste en opvallendste aan een mens is dus zijn das. Duidelijke zaak - hoe groter das hoe groter sensatie. En daar de maat van de dassen beperkt is, verzon ik een list: ik maakte dasbloes en bloesdas.
Indruk onweerstaanbaar.

Allergelukkigste datum

Juli 1915. Maak kennis met L.J. en O.M. Brik.

Oktober

Aanvaarden of niet aanvaarden? Dat was voor mij (en andere moskouse futuristen) niet de vraag. Mijn revolutie. Ik naar het Smolnyj. Werkte. Alles wat zich voordeed. De vergaderingen beginnen.

25 oktober, 1918

Mysteriespel voltooid. Droeg het voor. Veel besproken. Opgevoerd door Meyerhold met decors van Malévitsj. Veroorzaakte geweldige deining. Vooral van de kant van de communistische intelligentsia. Andrejeva stak geen poot uit. Om dwars te liggen. Drie keer opgevoerd, daarna kapotgemaakt. En toe was het weer Macbeth voor en Macbeth na.

1928

Schrijf het poéma Het gaat slecht!. Een toneelstuk en mijn literaire autobiografie. Velen zeggen: ‘Uw autobiografie is niet erg serieus’. Dat klopt. Ik ben nog niet veracademiseerd en niet gewend mijn eigen persoon in de watten te leggen, zoals het ook klopt dat mijn werk mij alleen maar interesseert als het een beetje grappig is.

Opbloei en verwelking van vele literaturen, symbolisten, realisten enz., onze strijd met hen – alles wat zich voor mijn ogen heeft afgespeeld: dat is een deel van onze zeer serieuze geschiedenis. Men heeft er nood aan dat het beschreven wordt.

En ik zal erover schrijven.

Back to top