5

Beursschouwburg

11.12.13.14.15/05 > 20:00 & 22:00

75'

Theater of beeldend kunstwerk? En wat als een klassieke theatrale handeling tot het uiterste wordt gereduceerd? Als de mens slechts gedeeltelijk aanwezig blijft in een installatie-performance?

Kris Verdonck werkt in het spanningsveld tussen dramatische en beeldende kunsten. Aernoudt Jacobs is muzikant en geluidsingenieur. Met 5 creëren ze een parcours bestaande uit vijf performances: In, To Sleep, Dancer #1, Intercourse en How it works. Samen vertellen ze over paniek en fragiliteit, zinnelijkheid en extreme omstandigheden. Een verhaal tussen mechaniek en leven.

Concept:

Kris Verdonck

Sound:

Aernoudt Jacobs

Lighting:

Hans Valcke

With:

Heike Langsdorf, Kaja Kolodziejczyk, Geert Vaes, Shila Anaraki, Anna Rispoli

Production:

Beursschouwburg, Kunstencentrum Belgie (Hasselt), HISK (Antwerpen), FYKE vzw (Brussel), KunstenFESTIVALdesArts

Presentation:

Beursschouwburg, KunstenFESTIVALdesArts

Back to top

Vijf ‘installaties/performances’ in het spanningsveld tussen dramatische en beeldende kunst vormen samen een verhaal over paniek en fragiliteit, mechaniek en leven. Het uitgangspunt is een klassieke theatrale handeling, die telkens tot het uiterste wordt gereduceerd. De fysieke mens is slechts gedeeltelijk aanwezig: onbewust (in slaap, in trance) of vertegenwoordigd door een machine, een geluid of een beeld. De betekenissen van het geheel, de ‘kern van het verhaal’, ontstaan pas door de vrije associaties van de toeschouwer.

IN:

Een actrice staat gedurende één uur stil in een met water gevulde tentoonstellingskast. Door de zintuiglijke verstoring die door haar omgeving wordt veroorzaakt, raakt ze in trance. Een aantal microfoons versterken de geluiden van ademhaling en beweging.

DANCER #1:

Een slijpschijf met een grote stalen L hangt los aan het plafond. Wanneer de schijf begint te draaien, zwaait de L in het wilde weg rond. De motor verbrandt zichzelf maar blijft zoeken naar een evenwicht, naar een manier om ondanks de vreemde situatie te functioneren. Dit zoeken gaat voorbij aan de functie van de machine, die de allures krijgt van de klassieke held in nood. De onhoudbaarheid wordt door zijn beweging alleen maar vergroot.

TO SLEEP:

Vier slapers worden in dezelfde liggende houding tentoongesteld in aparte transparante mallen. To sleep is ontstaan vanuit de song How to disappear completely van Radiohead en handelt over het verlangen er niet meer te zijn.

INTERCOURSE:

Het geluid van een vrijend koppel wordt in een verder lege kamer zo zinnelijk en direct mogelijk weergegeven. Met richtmicrofoons is het mogelijk de kleinste geluiden (wrijven, slikken, ademen...) op te nemen en zo misschien de ‘geheimen’ van een vrijpartij te ‘onthullen’.

HOW IT WORKS :

Een robotje rijdt zelfstandig rond. De beelden en klanken die het van op 2m hoogte doorstuurt, worden geprojecteerd op een muurgroot scherm. Het resultaat is een machine die een eigen beeld geeft van de ruimte en in interactie treedt met het publiek.

Paniek / Pressure

Paniek, een rode draad doorheen de installaties, is de toestand waarin de mens zich het duidelijkst aftekent. Veel politiek ingrijpen wordt geboren uit wat Peter Sloterdijk ‘de panische cultuur’ noemt: ‘De Griekse Pan was met een van zijn attributen de god van het middaguur, als de schaduwen het kortst zijn en de door het licht ter aarde geworpen wereld bij zijn aanwezigheid de adem inhoudt. Het moderne begrip paniek vergeet die samenhang van aanwezigheid, openbaring en schrik – het herinnert zich alleen het kinetische motief van de blinde vlucht.’

Perceptie / Klank

Iedere installatie/performance heeft haar eigen specifieke communicatie. Soms heeft ze de semiotiek van een theaterruimte nodig, dan weer die van een expositieruimte. Beide impliceren een zeer specifieke perceptie. Muziek en klank worden zowel fysiek, emotioneel als intellectueel waargenomen. Door middel van psychoakoestiek onderzoeken Verdonck en jacobs in 5 hoe klank ook fysiek en ruimtelijk kan worden. Ze werken met reële, concrete geluiden, die de soundscape een contextuele inhoud geven. Een reconstructie, een benadering van een mogelijke, herkenbare werkelijkheid, tussen het irreële, het reële en het virtuele.

Tijd

Misschien de belangrijkste conventie waarmee wordt gespeeld: begin, midden, einde. Waar een beeldend kunstwerk expliciet is geconstrueerd voor de eeuwigheid, staat theater op de vluchtigheid.

Tekst

De theater- of prozatekst is telkens het vertrekpunt voor een onderzoek naar de mechaniek, naar de ondergrond van een tekst of een taalgebruik. Een toneelschrijver maakt gebruik van specifieke theatrale codes; zijn taal en beelden dienen het toneel. Door gebruik te maken van verschillende media kan het louter theatrale paradoxaal genoeg worden geconcentreerd. In 5 doen drie teksten dienst als theatrale bron: Cataract van Rainald Goetz, Gezelschap van Beckett en Over het marionettentheater van Heinrich Von Kleist.

EEN STEM KOMT TOT IEMAND IN HET DONKER
STEL HET JE VOOR

Tot iemand op zijn rug in het donker. Dit merkt hij aan de druk op zijn achterkant en aan hoe het donker verandert wanneer hij zijn ogen sluit en opnieuw wanneer hij ze weer opent. Slechts een klein deel van wat gezegd wordt valt te controleren. Zoals bijvoorbeeld wanneer hij hoort, Je ligt op je rug in het donker. Dan moet hij de waarheid van wat gezegd wordt erkennen.

Samuel Beckett, Gezelschap

OUDE MAN

hoort u dat?
wacht
nu
hebt u dat gehoord?
fascinerend
wanneer je jezelf verder niet beweegt
hoor je zelfs het openen en het sluiten
van je oogleden

in een volkomen geluiddichte kamer
als je probeert niets te horen
naar het schijnt een hoge toon
die van het eigen zenuwstelsel
en een lage
die niet van je volledige bloedsomloop schijnt te komen
isolatiefoltering

Rainald Goetz, Cataract

Hij antwoordde dat ik het me niet mocht voorstellen alsof ieder lid afzonderlijk gedurende de aparte momenten van de dans, gericht en bewogen werd. Iedere beweging, zei hij, heeft haar eigen zwaartepunt in het inwendige van het figuurtje; het is voldoende dit zwaartepunt in het inwendige van het figuurtje, te beheersen. De ledematen, die alleen maar slingers zijn, volgen zonder enig verder ingrijpen, op mechanische wijze vanzelf. Hij voegde er aan toe dat die beweging zeer eenvoudig is: dat telkens, wanneer het zwaartepunt in een rechte lijn bewogen wordt, de ledematen onmiddellijk curven beschrijven; en dat vaak, bij een louter toevallige schudding, het geheel reeds in een soort ritmische beweging overgaat, welke met de dans een opvallende overeenkomst vertoont.

Heinrich von Kleist, Über das Marionettentheater (Over het marionettentheater)

Co-presentatie KunstenFESTIVALdesArts & Beursschouwburg, Brussel mei 2003

De Beursschouwburg beweegt zich in het grensgebied tussen kunst en dagelijks leven. We kiezen voor artistiek werk dat wordt gekenmerkt door vermenging: van populaire cultuur en verstokte kunstkunst, van vele talen, van disciplines en genres, van lokaal en internationaal, professioneel en liefhebberstalent. Met één voet in, met de andere voet buiten het 'artistieke veld'.

Een van de lijnen die zich binnen dat vaak grillige programma duidelijk aftekent is de zoektocht naar andere ‘formats’. We zoeken naar nieuwe toonvormen: wel theater of dans, maar niet altijd de klassieke 'affe' dans- of theater-'voorstelling'. Zo was dit seizoen Métamorphoses Nocturnes van Ingrid von Wantoch Rekowski een installatie-voorstelling: een galerij van sprekende portretten en schilderijen met icoonwaarde die op video tot leven kwamen. GAME-BOYS van Superamas zette een parcours uit dat theater, dans en installaties met elkaar verbond. Davis Freeman confronteerde de toeschouwer met zichzelf langsheen tien kleine kamertjes in Too Shy to stare .

5 van Kris Verdonck en Aernoudt Jacobs is een nieuwe schakel in deze zoektocht.

5 installaties/performances in het spanningsveld tussen dramatische en beeldende kunst, waarbij de klassieke codes uit het theater en de beeldende kunst telkens weer in extreme mate gereduceerd en gemanipuleerd worden: de tijd herschikt zodat begin of einde niet meer duidelijk zijn; een ruimte opgebouwd uit klanken en muziek; tekst en taal, in confrontatie met andere media.

De keuze om 'andere formats' centraal te stellen hangt nauw samen met de wil om aan te knopen bij de ‘potentialiteit’ van kunstenaars, eerder dan hen louter te benaderen als kunstproducent. Tal van artiesten geven te verstaan dat ze af en toe weg willen van de geijkte productie- en presentatiestramienen. Hun vragen en ambities kunnen heel verschillende vormen aannemen: sommigen zoeken naar manieren om de scène te herdefiniëren, anderen richten zich op de bevraging van de relatie tussen artiest en publiek, op het slechten van grenzen tussen disciplines, of op het omgooien en herwaarderen van het kleinschalig onderzoek en werkprocessen. Daar veel inspiratie geput wordt uit de plastische kunsten wordt de aandacht voor installaties, video en multimedia binnen ons artistiek programma zeker aangescherpt.

Via gerichte samenwerking met Brusselse en andere partners wil de Beursschouwburg dit terrein verder verkennen. De vernieuwde Beursschouwburg in de Ortsstraat zal ons daartoe nog meer uitdagen.

BSBbis

de Beursschouwburg tot 2003

Back to top