Phantom Beard

    25/05  | 20:30
    26/05  | 15:00
    28/05  | 20:30

€ 16 / € 13
45 min
Arabic/Japanese > FR/NL/EN

Tijdens haar verblijf in Japan, maakte de Koeweitse kunstenaar Monira Al Qadiri kennis met een vrouw die necromantie beoefende. Een lezing van haar ziel openbaarde dat Al Qadiri veertig geesten van haar Saoedische voorouders met zich meedraagt. Deze bebaarde mannen zijn gehecht aan haar lichaam en dragen een bloederig verleden met zich mee. Ze beschouwen Monira als hun stamleider, geven zich over aan haar leven en wensen met haar te sterven. In Phantom Beard interpreteert Al Qadiri dit opmerkelijke verhaal als een manier om het verleden, het heden en de toekomst van het Midden-Oosten met elkaar te verbinden, alsook om de complexiteit van gender op ironische wijze te bevragen. De performance vult de gaten in het verhaal van de regio: haar lokale geschiedenis, haar huidige, vernielde staat en haar onbekende, sciencefictionachtige toekomst. In een mysterieuze en prikkelende mix van Butoh-dans, muziek, animatie, po.zie en performance gaat Al Qadiri vol overgave de confrontatie aan met haar geesten. Phantom Beard past daarmee binnen een gelaagde interdisciplinaire praktijk, die zich niet in één hokje laat vangen.

Concept: Monira Al Qadiri
Regie: Raed Yassin
Tekst: Monira Al Qadiri, Abdulaziz Al Nujaym
Onderzoek tekst: Hussein Nassereddine
Assistent: Mariam Mekewi
Video & animatie: Transforma
Stagehand/video operator: Mayssan Charafeddine
Locatie producent: Mousaed Khaled
Technische leiding en belichting: Nadim Deaibes
Muziek: Senyawa, Khaled Yassine
Geluid: James Kelly
Scenografie: Atelier Aziz Al Qatami
Boventitelen: Babel Subtitling  

Presentatie: Kunstenfestivaldesarts, Théâtre des Martyrs
Coproductie: Kunstenfestivaldesarts, Wiener Festwochen, Aichi Triennale

Back to top

Het lezen van geesten

In Japan, waar ik een decennium woonde, is er een sterke cultus van voorouderlijke aanbidding. De voorouders zijn aanwezig in heiligdommen in het huis, in verfijnd uitgewerkte begraaf-plaatsen, in bedtijdverhalen en in alle vormen van zelfdefiniëring. Er is een gevoel van continuïteit in het verhaal van verwanten, dat zowel verlichtend als belastend kan zijn. Herinnering is een onwrikbare plicht, een hogere roeping en vooral een symbool van iemands familiale eer. Het verlies van deze persoonlijke geschiedenis is een ramp, een bron van verschrikkelijk trauma, en kondigt ook een komende wraak uit de onderwereld aan. Voorouders, zowel bekende als onbekende, moeten worden vereerd of anders zullen er vreselijke dingen gebeuren.

Deze onthullingen van voorouders nemen altijd de vorm aan van een absolute metafysische aanwezigheid waaraan niet kan worden getwijfeld: die van geesten. Geesten staan centraal in de rituele verbeeldingskracht van de maatschappij, als concrete wezens die een ware vorm belichamen. Hier maken geesten geen deel uit van een specifiek religieus geloofssysteem of een fictieve fabel van een kind; ze maken deel uit van de constructie van de werkelijkheid zelf. En ze kunnen worden opgeroepen en er kan met hen worden gesproken wanneer een persoon met de juiste gaven wordt geraadpleegd.

Als buitenlander worstelde ik met dit concept van ‘waarheid’, omdat ik in mijn eigen achtergrond niets had om het mee te vergelijken. In het begin vond ik het vreemd, bizar en zelfs komisch, maar na verloop van tijd raakte ik sterk onder de indruk van de gestrenge manier waarop deze fantomen uit het verleden zich binnen de maatschappij manifesteerden, en werd er zelfs door geïntimideerd. De zekerheid van hun onzichtbare bestaan werd op de een of andere manier een tastbare ervaring die ik kon begrijpen.

Ik dacht dat ik misschien door het overnemen van het idee van dit verre, etherische wezen de benarde toestand van de woestijn zou kunnen verhelpen. Misschien zouden de geesten, door ze te verplaatsen naar mijn eigen plek, als middel kunnen dienen voor de openbaring van een weggevaagde geschiedenis, waarin de herinnering als zonde wordt gezien. Op een plek waar ‘geen geschiedenis’ een afgedwongen status-quo is, zou het oproepen van mijn voorouders uit de barre vlaktes van zuid Saoedi-Arabië ons zelfgevoel, alsook dat wat voor ons verloren is gegaan, kunnen verlichten. Door die handeling zal onze sombere toekomst ons toch in volle kleur in de ogen schijnen, deinend en stuiterend als een zwevende nachtclub in de hemel.  

Monira Al Qadiri

De woesting vergeten

Wij zijn de eters wanneer we kunnen
Wij zijn de vernietigers wanneer we vervloekt zijn
Wij zijn de tegenstanders wanneer we dat willen
Wij zijn de afstammelingen wanneer we ernaar verlangen
Wij zijn de deserteurs wanneer we boos zijn
Wij zijn de ontvangers wanneer we het toestaan
Wij zijn de tirannen wanneer we gehoorzaamd worden
Wij zijn de vastberadenen wanneer we in de steek zijn gelaten

Deel van de pre-islamitische Mu’allaqah (Ode) van Amr Ibn Kulthum, 526-584 v.o.j.

In het woestijnlandschap functioneren tijd en geheugen op vreemde en mysterieuze wijzen. Een bepaalde traditie die voortkomt uit het zand zelf beveelt ons om voortdurend te vergeten, om alleen in het hier en nu te leven, omdat de verraderlijke duinen alles in een oogwenk wegnemen, en herinneren is zichzelf vernietigen. We moeten huizen waarin we ooit hebben geleefd, plaatsen die we hebben bezocht, mensen die we hebben ontmoet en zelfs onze geliefden vergeten. Deze herinneringen bezwaren ons hart, alleen hun verwijdering kan ons geestelijk gezond houden. Toon geen emotie, vergiet geen tranen, ga gewoon door met het leven zonder je lot in vraag te stellen. Bezoek de doden niet en schrijf geen namen op hun graf, want hun begraafplaats is onmogelijk terug te vinden. Je enige voor-ouderlijke aandenken, is vervat in je eigen titel: Monira-Mohammed-Issa-Ali-Yousif-AlQadiri. Een collage van aliassen van je vader en grootvader, van wie je haast niets weet. Alleen het uitspreken van hun naam reveleert een vaag spoor van bestaan.

Zelfs vandaag, wanneer de woestijn zijn kracht heeft verloren door technologieën die ons beschermen tegen zijn alomtegenwoordige hardheid, dragen wij op de een of andere manier zijn ruwe textuur nog steeds in onze huiden en lichamen. Nu moedigen we niet alleen het voortdurende uitwissen van de geschiedenis aan, we verbergen ze doelbewust en manipuleren ze, zodat anderen niet zouden weten of ontdekken wat er voorheen was. Deze onderdrukking van nostalgie heeft consequenties gehad die geenszins louterend of lonend waren.

Is er echter een manier om toegang te krijgen tot het puin van de emoties die door de eeuwen heen verloren zijn gegaan? Wat is het medium dat deze verborgen herinneringen kan onthullen? Hoewel geabstraheerd en afgescheiden van hun oorspronkelijke context, kan het stamhuis van het vooroudergeheugen uit onze contreien gevonden worden in de taal van poëzie en liederen. In deze magische woorden ontstaat een heropstanding van het denken, een die de tijd en ruimte overstijgt. Verloren huizen, verloren liefdes en verloren verlangens staan plots opnieuw voor ons, met alle grootsheid die eigen is aan dit audiovisuele medium. De muziek van de stem van de redenaar in combinatie met de beelden die vervat zijn in zijn woorden creëren een beeld van verwondering dat zich aanpast aan elk moment in de tijd.

Toch is het enkel de taal van mannen. De man, als een torenhoge totem in het centrum van de Arabische samenleving, wordt gezien als de ontvanger en boodschapper van het hele scala van menselijke emoties. Hij is de verschaffer van alle ervaringen, de poortwachter van het geheugen, de verkenner van het universum van het denken. Om zijn wereld te betreden, moeten wij ons lichaam en onze geest verwringen om zijn mannelijke gedragingen aan te nemen. En dus flirten sommigen van ons met deze daad van buikspreken om zich krachtig te voelen, om zich gerechtvaardigd te voelen, om zelf de redenaar van de tijd te worden.

Monira Al Qadiri

Back to top

Monira Al Qadiri is een Koeweitse beeldend kunstenaar, geboren in Senegal en opgeleid in Japan. In 2010 promoveerde ze aan de Tokyo University of the Arts in de inter-mediakunst, waar haar onderzoek gericht was op de esthetiek van verdriet in het Midden-Oosten: uitgedrukt in poëzie, muziek, kunst en religieuze praktijken. Haar werk verkent onconventionele genderidentiteiten, petro-culturen en hun mogelijke toekomst, evenals de erfenis van corruptie. In 2017 presenteerde ze haar eerste live theatervoorstelling Feeling Dubbing op het Kunstenfestivaldesarts in Brussel. Monira woont en werkt momenteel tussen Beiroet en Berlijn.

Back to top